140831172_ABFweb
140831172_ABFweb

Werken aan een actiever achterbeen

Nieuws

Een paard dat zijn achterhand meer onder de massa brengt zit prettiger, is beter in staat op jouw (kleine) hulpen te reageren en gebruikt zijn lijf beter. Het activeren van het achterbeen is dus erg belangrijk, maar hoe doe je dat?





  • Overgangen


    Overgangen zijn de basis als het gaat om het activeren van het achterbeen. Niet voor niets worden oefeningen als de draf verruimen (en weer terugrijden!) al in de lagere dressuurproeven gevraagd. Zowel overgangen tussen twee gangen als binnen een gang zijn goed om regelmatig te rijden, op welk niveau je ook rijdt.


  • Halve ophouding


    Als je paard teveel op de voorhand komt, kan een halve ophouding helpen. Hierdoor maak je je paard alerter, kun je hem ietsje meer verzamelen en komt hij meer in balans. Het is een combinatie van een been- en teugelhulp. Rijd je paard met je been naar voren en vang hem vervolgens met de teugel licht op.


  • Bergopwaarts rijden


    Een paard dat zijn achterbenen onder de massa brengt, loopt letterlijk een beetje bergopwaarts. Zijn gewicht komt meer naar de achterhand, alsof hij gaat ‘zitten’. Nu hebben we in Nederland weinig heuvelachtige gebieden, maar dit is wel een goede manier om de achterhand van je paard te versterken. Is het natuurlijk wel belangrijk dit rustig op te bouwen.


Onthoud dat ‘actiever’ iets anders is dan ‘sneller’. Het is de bedoeling dat de passen van je paard energieker en verhevener worden, niet dat het tempo omhoog gaat. Wil je controleren of je het goed doet en je training inderdaad heeft geleid tot een actiever achterbeen? Lees hier hoe je de achterhand test.

Bron: Bit/Dressagedifferent