
Tip Esther de Melker: houd je drachtige merrie in conditie
NieuwsElke week krijg je een tip van een deskundige. Deze week is de tip afkomstig van Esther de Melker, erkende paardendierenarts met als specialisatie gynaecologie en voortplanting bij het paard.
“Je hebt een sport- of recreatiemerrie en je wilt er graag een veulen uit fokken. Hoelang kan je blijven rijden? Je drachtige merrie kan je in principe, nadat ze op 18 dagen door middel van echografie drachtig is gebleken, nog heel lang doortrainen en zelfs in de wedstrijden uitbrengen. Het is juist goed om de regelmaat in je training te waarborgen en je merrie in vorm te houden.
Buiging en balans
De merrie draagt 11 maanden. Voordat de baarmoeder zo groot wordt en zoveel ruimte in de buik inneemt, waardoor het rijden een probleem gaat worden, ben je al vele maanden verder. Het veulen zal in de laatste 3 maanden het meeste groeien. In deze periode geeft de merrie vaak zelf al duidelijk aan wat nog gaat en wat echt lastig en zwaar voor haar begint te worden. Ze krijgt moeite met buiging en balans en vooral springen raad ik dan af.
Geleidelijk afbouwen
Bouw op geleide van de signalen van de merrie je training af, maar houdt haar tot enkele weken voor de bevalling in wel in vorm. Des te eerder pak je haar na de bevalling weer op. Natuurlijk hangt je trainingsniveau wel af van de leeftijd van je merrie. Een jonge merrie die voor het eerst draagt is veel langer en makkelijker in vorm te houden dan een oude merrie die al vele veulens heeft gehad. Een belangrijk punt is nog wel, om stress zoveel mogelijk te vermijden (overtrainen, transport, hittestress).
Na de bevalling
Na de bevalling bouw je alles in geleidelijkheid weer op. Je hebt er nu ook een veulen bij waar je rekening mee moet houden. De eerste dagen rust na de bevalling zijn essentieel voor het veulen om voldoende biest te kunnen op nemen. Maar na 2 weken kan je de merrie en veulen al eens even scheiden om ze hieraan te laten wennen. Het veulen en de merrie zullen eerst wel onrustig zijn en veel naar elkaar gaan ‘roepen’, maar dit zal na een paar keer al snel minder worden. Na een maand begin je de merrie eens een paar keer per week te longeren en daarna kan je ook snel het rijden weer oppakken. Merrie en veulen kunnen zodoende steeds langer zonder elkaar. Het is zelfs mogelijk om tijdens de zoogperiode eens op wedstrijd te gaan, maar natuurlijk niet te ver van huis.
Kortom: wanneer je de ambitie hebt om toch eens een veulen bij je merrie te fokken, hoeft dit niet te betekenen dat je een jaar niet kan rijden. Globaal zal je training 3 maanden voor de bevalling en 3 maanden na de bevalling op een laag pitje staan, waarvan je misschien 2 maanden echt niet kan rijden.”
“Ik geef de pen door aan Harmen Zwerver, eigenaar van Ruitersportcentrum Sneek en ‘Paard en Coach’. Paard en Coach is gespecialiseerd in coaching en training op het gebied van persoonlijke ontwikkeling, leiderschap, communicatie, team- en organisatieontwikkeling met behulp van paarden.”
























