-

Osteopathie voor paarden

Sijgje Klop

Osteopathie is een behandelingsvorm, die streeft naar het herstellen van de verloren balans in het paardenlichaam. Maar, het herkennen hiervan kan bij een paard heel lastig zijn, want elk paard uit zich weer anders als hij of zij zich oncomfortabel voelt. Ook verbergen paarden, omdat ze van nature prooidieren zijn, hun onbalans en willen ze nogal eens bewegingen gaan compenseren. Om je te helpen, licht osteopaat Sijgje Klop in dit artikel haar vakgebied toe.

Osteopathie en de daaruit voortkomende rol van een osteopaat

Sijgje Klop: “Het woord osteopathie valt te ontleden in het Latijnse woord ‘osteo’ wat bot betekent en het Latijnse woord ‘pathos’ wat ziekte betekent. Een osteopaat behandeld dus alle blokkades in het skelet. Daarnaast gaat de osteopathie ervan uit dat het paardenlichaam één samenwerkend geheel is. Dat wil zeggen dat alles met elkaar verbonden is en dat osteopathie zich dus ook kan richten op: de spieren, de bloedvaten, de schedel, de organen en het zenuwstelsel.”

Technieken waar een osteopaat gebruik van maakt

Een osteopaat maakt gebruik van manuele therapie (‘manus’ is Latijns voor handen), wat betekent dat de osteopaat alleen zijn handen gebruikt en er dus geen apparaten, medicatie, of naalden aan te pas komen. Met de handen zijn verschillende technieken toe te passen.

Sijgje licht toe: “Je hebt bijvoorbeeld de mobilisatie- en cranio sacrale technieken. Mobilisatietechnieken zijn technieken om de gewrichten los te maken en cranio sacrale technieken werken in op het hersenvocht. Dit ziet er een beetje simpel en zweverig uit, als een soort van handoplegging. Maar, het heeft een enorme impact op de ontspanning en de emoties van het paard.”

Oorzaken van blokkades in het paardenlichaam

” Spierproblemen of blokkades in de wervelkolom, gewrichten en organen kunnen onder meer ontstaan door: een val, een verstuiking, een trauma, ziekte, slechte voeding, het overvragen bij de training van een (jong) paard, een ruiter in onbalans of een ruiter die te eenzijdig rijdt en door slecht passend harnachement (zowel door een niet passend zadel als door niet passend tuig kunnen problemen ontstaan).” 

Signalen bij jouw paard herkennen

“Er zijn echt heel veel verschillende manieren waarop een paard kan uiten dat er ergens in zijn of haar lichaam iets niet optimaal functioneert. De reactie van het paard hangt van verschillende factoren af, want een paard dat pijn heeft zal heel anders reageren dan een paard met bewegingsbeperkingen.”

Sijgje vervolgt: “Bij pijn kan een paard gaan vluchten (rennen) of staken (stijgeren, bokken, slaan naar je been), terwijl een paard met bewegingsbeperkingen traag zal zijn of zelfs niet zal willen lopen. Ook moeite hebben met de uitvoering van bepaalde oefeningen, is een signaal. Zo is op 1 kant niet/moeilijk/verkeerd of overkruist in galop aanspringen vaak een teken dat het paard niet optimaal functioneert. Maar, ook voordat er op het paard gezeten wordt, kunnen er al signalen van ongemak zichtbaar zijn. Denk dan aan het niet fijn vinden om gepoetst te worden of zadel- en/of singeldwang.”

Gebruik maakt uit…

Waar een paard voor gebruikt wordt, maakt uit wat betreft de noodzaak om behandelingen te moeten krijgen van een osteopaat. Sijgje vergelijkt manegepaarden, privépaarden en recreatiepaarden met elkaar. Ze legt uit:
“Manegepaarden krijg ik eigenlijk niet vaak onder handen. Deze paarden moeten doorgaans geld opleveren en mogen niets kosten. Dat wil niet zeggen dat ze een behandeling niet goed zouden kunnen gebruiken. Tijdens mijn opleidingen heb ik veel geoefend op manegepaarden. Toen merkte ik wel dat deze paarden vaak over het gehele lijf stijf in de spieren waren en dat ze erg beperkt in hun bewegingen zijn.”

“Bij privépaarden zie je eigenlijk in iedere tak van de paardensport wel vergelijkbare klachten. Bijvoorbeeld veel rug -en halsklachten door een verkeerde houding tijdens het rijden of slecht passende zadels. En, je ziet bij tuigpaarden ook veel problemen in de biceps door het extreem hoog optillen van de voorbenen. Dressuurpaarden zitten vaak vast in de hals, vlak achter de oren of in de kaak. Dit komt doordat deze paarden te kort met het hoofd op de borst worden getrokken. Vaak worden ze ook te lang in dezelfde houding getraind.”

“Tot slotte zijn de recreatiepaarden een categorie waarvan men meestal denkt dat die de minste problemen hebben, omdat er weinig van ze gevraagd wordt en ze “fijn” in hun natuurlijke houding mogen lopen. Het gekke is dat dit juist de paarden met de meeste blokkades zijn! De reden hiervoor is dat de natuurlijke houding prima is voor een paard in vrijheid, maar totaal ongeschikt als er iemand op gaat zitten. Daardoor zie je veel weke en pijnlijke ruggen bij deze groep. Daarnaast zijn deze eigenaren vaak niet bezig met het rechtrichten van hun paarden, waardoor ze vaak steeds in dezelfde galop zitten of er steeds op hetzelfde been wordt licht gereden. Hierdoor worden de paarden veel te eenzijdig belast en kunnen ze uiteindelijk erg scheef worden.”

Nog een wist-je-datje met betrekking tot de tandarts

“Laat je paard pas na een tandartsbezoek behandelen door een fysiotherapeut, een masseur of een osteopaat. De tandarts is ontzettend belangrijk, maar de houding waarin het paard staat tijdens de behandeling is verre van ideaal. Het is toch al verstandig om je paard minstens 1 keer per jaar preventief te laten nakijken, dus plan die jaarlijkse controle NA de tandarts en niet ervoor!”

Sijgje Klop met haar zelf gefokte 22-jarige merrie Promise

Hoe ziet een behandeling eruit?

In het kort gezegd gaat een behandeling als volgt: “Een osteopaat gaat eerst de voorgeschiedenis van een paard na en stelt vragen om zich een beeld te vormen van de mogelijke problemen en het ontstaan daarvan (de anamnese). Dan volgt er een inspectie van het exterieur om te kijken of daar al aanwijzingen te zien zijn die de problemen verklaren. Vervolgens voelt een osteopaat met de handen of er plaatsen verdikt, warm of pijnlijk zijn (dit is de eerste palpatie). Na een bewegingsanalyse volgt de tweede palpatie. Dit is speciaal om te controleren of er na het bewegen wat veranderd is in het paardenlichaam.”

Ze vervolgt: “Aanvullende tests zorgen er verder voor dat dat mobiliteit van wervelkolom en gewrichten in kaart gebracht kunnen worden. Eveneens kan het zijn dat ik de ligging van het zadel op de rug wil zien. Hieruit kan ik dan afleiden wat de basisoorzaak van het probleem zou kunnen zijn. Dit wordt dan behandeld door middel van de eerder in dit artikel uitgelegde mobilisatie- en cranio sacrale technieken of met een massage.”

Een volledig stappenplan van hoe Sijgje te werk gaat, is hier te lezen.

Dan is er ook nog de massage. Wat voor effect heeft dat?

“Tijdens een massage wordt de doorbloeding bevorderd, waardoor er meer zuurstof en voedingsstoffen naar de weefsels en organen gaan. Afvalstoffen worden zo beter afgevoerd. Hierdoor heeft massage niet alleen een positief effect op de spieren, maar ook op: pezen, banden, bindweefsel, gewrichten en het spijsverteringskanaal. Massage zorgt ervoor dat spieren beter en sneller herstellen van vermoeidheid en/of spierpijn na een inspanning. Het brengt spieren in optimale conditie om zich goed te kunnen ontwikkelen.”

“Een massage kan daarnaast een paard soepel houden als dit paard tot boxrust veroordeeld is i.v.m. blessures. Ook kan het de mobiliteit van wervelkolom en gewrichten verbeteren. Naast de lichamelijke voordelen heeft massage een zeer gunstig effect op de geestelijke gemoedstoestand van een paard. Het paard zal zich makkelijker gaan ontspannen en maakt meer hormonen aan, waaronder serotonine (“het gelukshormoon”).”

Poef! Alle problemen weg, of toch niet?

“De quickfix bestaat niet”, zegt Sijgje. Ze vervolgt: “Er is weleens een uitzondering, waarbij een paard met slechts één behandeling volledig hersteld was, maar nogmaals dit is dus een uitzondering.”

Veel vaker moet je rekenen op enkele behandelingen, die achter elkaar in een bepaalde frequentie dienen plaats te vinden. Sijgje legt uit: “Massage voer je vaak in het begin een aantal keer vrij vlot achter elkaar uit. Gemiddeld is dat 3 keer in 2 tot 3 weken. Dit wordt daarna afgebouwd. Bij het gebruiken van mobilisatie technieken kan er vaak een iets langere perioden tussen zitten, terwijl de toepassing van cranio sacrale technieken ook het beste resultaat geeft als het wat korter achter elkaar toegepast wordt op een paardenlichaam. Tijdens de behandelingen worden over het algemeen de technieken gecombineerd, dus bepaal ik op maat en in overleg met de eigenaar wat het beste moment is voor een vervolgafspraak.”

“Het succes is verder erg afhankelijk van hoe handig een ruiter is in het trainen en hoe secuur paard en eigenaar/eigenaresse de meegekregen oefeningen uitvoeren. Het gaat hierbij vaak om stretchoefeningen. Voorbeeld van zo’n oefening is door een snoepje voor het paard zijn neus te houden en hem alle kanten op te laten buigen. Of het zijn oefeningen, waarbij het paard de rug naar flexie (bollen van de Rug) toe moet brengen. Maar, ook trainingstechnische oefeningen aan de hand of onder het zadel kunnen worden meegegeven. Hierbij moet je aan alle dressuurmatige oefeningen denken, zoals: voorwaarts neerwaarts, zijwaarts of achterwaarts. En dan niet als kunstje, maar echt bekeken vanuit de biomechanica.”

Rust en nazorg

Sijgje: “Rust is na een behandeling enorm belangrijk om het lichaam de kans te geven om te herstellen. Door de behandeling wordt het paard uit een bepaalde compensatie gehaald, waardoor het soms even moet wennen aan een nieuwe houding of de nieuwe bewegingsvrijheid. Daarnaast forceer je toch de omliggende structuren door in vastzittende gewrichten de bewegelijkheid terug te brengen. En, bij een massage haal je de spanning in de spieren weg waar het paard wel aan gewend is. Hij is door het losmaken van de spieren eigenlijk een beetje “slap” geworden. En ze kunnen van de behandeling ook moe zijn. Zowel lichamelijk als geestelijk. Ook kunnen ze wat napijn hebben.”

“Veel paarden hoeven na behandeling niet volledig op rust gezet te worden. Afhankelijk van de gevonden problemen en de gebruikte technieken kan het zijn dat het paard een paar dagen niet mag rijden, maar wel te longeren is. Wat ook kan voorkomen is dat de training structureel aangepast moet worden. Als je dat niet doet dan kan het zijn dat je weer tegen precies dezelfde problematiek aanloopt als waarvoor je paard net behandeld is. En, dat is nou net niet de bedoeling natuurlijk!”

Osteopaat in de buurt

Het werkgebied van Sijgje Klop ligt in Zeeland (tot en met Zeeuws-Vlaanderen) en een deel van Zuid-Holland (tot en met Rotterdam). Wil je in jouw regio een goede osteopaat vinden? Kijk dan eens op www.paardenplein.nl.

Bron: Bitmagazine.nl

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant