-

Het veelbewogen leven van anatomiemodel & ‘studentenlokker’ Clint

Lonneke Ruesink

Als paarden konden praten, zou iedereen aan Clint zijn lippen hangen. Op zijn tiende werd de bange en overgevoelige pony overgenomen door Anatomie en Fysiologie aan de faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht. Hij stond eerst bij de kliniek paard, bij Diergeneeskunde, en droeg daarom officieel het stempel ‘proefdier’. Binnenkort hoopt Clint zijn 42ste levensjaar aan te tikken.

Clint is inmiddels met pensioen en wordt nog maar heel af en toe gebruikt in het onderwijs. Zijn rol is die van levend model. Studenten leren bijvoorbeeld op geprepareerde paardenbenen waar bepaalde spierstructuren lopen en hoe de pezen aan de botten zitten. Maar zo’n hard, met nieuwe technieken vereeuwigd, been blijft toch tamelijk statisch ten opzichte van een echt, levend been. Hier komt Clint om de hoek van de snijzaal kijken.

Althans, dat was de bedoeling. Daarom had de sectie anatomie destijds twee pony’s besteld: paarden zijn te groot in de snijzaal. Maar Clint was al ver voor het corona-tijdperk voorstander van buitenonderwijs. Doordat hij pertinent weigerde de snijzaal te betreden, waren de studenten, maar ook dierfysiotherapeuten en para-veterinairs die hier in vivo-onderwijs volgden, genoodzaakt dit stukje praktijkonderwijs buiten te volgen.



In vivo-onderwijs
Anatomie-in-vivo-onderwijs speelt in op het verwerven van perceptuele kennis en vaardigheden van studenten. Training en oefening zijn over het algemeen effectieve wanneer direct vergeleken kan worden met een realistische situatie. Clint en Daisy spelen in dit kijken en vergelijken een grote rol. Studenten leren bijvoorbeeld uit een boek en aan de hand van een preparaat waar het schouderblad van een paard zit. In vivo-onderwijs is erop gericht dat de student deze theoretische kennis direct in de praktijk kan brengen, door op een echt paard te voelen hoe een schouderblad en bijbehorende aanhechtingen van pezen en spieren precies lopen. 

Om de angstige Clint wat op te voeden en beter te laten wennen mocht Inge, de tienerdochter van één van de medewerksters van de faculteit, Clint verzorgen. Dat klikte en verzorgen werd ook rijden. Wekelijks ging Inge met Clint naar de rijvereniging in Amelisweerd en volgde lessen in dressuur, springen en crossen. Bij de faculteit waren ze erg blij met deze vorm van bezigheidstherapie voor Clint. Hij werd er een stuk (be)handelbaarder van. Wanneer hij tijdens zijn ‘werkweek’ dan weer een verbandje omgelegd kreeg, bleef hij tenminste netjes stilstaan.

Clint Eastwood

Inge zorgt samen met haar vader Tom al 31 jaar voor Clint. Je kunt met recht zeggen dat vader en dochter vergroeid zijn met deze pony, vernoemd naar de beroemde acteur Clint Eastwood. Hun vakanties stemmen ze op elkaar af, zodat Clint nooit van zijn vaste ritme hoeft af te wijken en ook altijd hetzelfde patroon kan worden aangehouden als hij naar de hoefsmid moet. Jan de Zwaan is de vaste smid van Clint. Hij tolereert geen ander. Ooit kwam er – één keertje maar – een vervanger voor Jan. Een smid die met de beste bedoelingen aan de slag ging met Clint, maar daarbij vergat zijn persoonlijke sores thuis te laten. De nog altijd fijngevoelige Clint, schopte de man letterlijk naar buiten. Wat dat betreft had hij niet misstaan in een westernfilm.

De Paardenkamp

Ondanks zijn (nogal) gevoelige karakter en zijn volhardend weigeren om de snijzalen te betreden, stal Clint niet alleen de harten van Inge en Tom, maar ook die van het faculteitspersoneel. Wat zou het mooi zijn als Clint op de faculteit oud zou kunnen worden. Wel werd Clint voor de zekerheid ook op de wachtlijst voor paardenrusthuis de Paardenkamp geplaatst. Zeker toen het in vivo-onderwijs grotendeels verdween en Clint en zijn maatje steeds minder vaak hoefden komen op te draven als levende onderwijsmodellen, was dat soms best even spannend. 

Henk van Dijk toont een geprepareerd paardenbeen.

Henk van Dijk is onderzoeks- en onderwijsmedewerker bij de afdeling Anatomie en Fysiologie en verantwoordelijk voor Clint en Daisy. Hij vertelt: “Anatomen zijn vooral geïnteresseerd in gezonde dieren en gebruiken de anatomie om ziekten te bestuderen. Dat maakt de pony’s zo waardevol. En gezond is Clint altijd geweest. Hij is nog geen dag kreupel geweest.”

Stroopwafels

Ondertussen spitsen Clint en Daisy hun oren spitsen omdat er een zakje stroopwafels opengemaakt wordt. Stroopwafels blijken de favoriete lekkernij van de vijfjarige Hackney Daisy, die speciaal naar de faculteit is gehaald als maatje van Clint, nadat zijn vorige ponymaatje Julian overleed. Clint zelf loopt vooral warm voor brood, liefst mueslibollen. Buiten af en toe een wat minder verantwoord tussendoortje houden de verzorgers Clint aan zijn ‘oude mannen dieet’.

Sinds een aantal jaar hoest Clint. Daarom wordt zijn hooi natgemaakt en is het stro in de stal  vervangen door zaagsel. Verder krijgt hij Subli Seniores Priores. Daarin verdwijnen ook zijn medicijnen voor het gezwel aan zijn penis en de pillen prednison voor zijn longen.

Tegenwoordig gaan de pony’s ’s avonds naar buiten en overdag op stal. Zo hebben ze de minste last van de warmte of insecten. Gaat het midden in de nacht onverwacht regenen? Dan belt Inge haar vader: ga jij eruit om de pony’s binnen zetten of zal ik het doen?

Inge: “Hij laat ons, mijn vader en mij, misschien wel meer zien hoe Clint zich voelt dan aan de mensen van de faculteit. Wij merken het ook aan Daisy als hij zijn dag niet heeft. Ze wordt dan ineens een stuk brutaler en baziger. Tot nu toe heeft dat nooit lang geduurd, maar je moet realistisch blijven.” Henk vult aan: “Naast een enorme levenskracht, zijn er denk ik maar weinig pony’s die kunnen zeggen dat ze een stal hebben met dubbel glas, zonwering, warm water en verwarming.”

Van links naar rechts: Tom, Clint, Inge, Henk en Daisy

‘Studentenlokker’

Maar voorlopig is Clint nog springlevend! Dus hij kan met enige regelmaat nog zijn favoriete studentengrap uithalen. Dan speelt hij het losgebroken paard, door tijdens de pauze langs de heuvel in het zicht van de lunchende studenten te gaan staan. Hij weet precies waar hij moet lopen, zodat het net lijkt alsof hij los loopt. Bijna altijd heeft de ‘studentenlokker’ beet: ze komen kijken of ze de losgebroken pony moeten vangen. Dat hoeft dus niet, de aandacht wel: daar doet Clint het allemaal voor!

Proefdier op de faculteit Diergeneeskunde
Ondanks dat dierenartsen in opleiding sommige ingrepen echt moeten leren op een proefdier, is het gebruik ervan op de faculteit Diergeneeskunde in Utrecht de afgelopen tien jaar flink verminderd. Dit is mede te danken aan een convenant dat is afgesloten tussen de faculteit en de Stichting Proefdiervrij. Hieruit is het initiatief van het Dierdonorcodicil ontstaan. Wanneer jouw paard (of ander huis- of boerderijdier) terminaal ziek is, kun je besluiten om hem na overlijden af te staan aan de wetenschap. Deze dieren komen na hun overlijden op de faculteit binnen en dienen als lesmateriaal voor studenten. Vroeger werden hier slachtpaarden voor aangekocht, die dan op de faculteit werden geëuthanaseerd. Nu worden overleden dieren geplastineerd, waardoor hetzelfde dier tientallen jaren voor onderwijs kan worden gebruikt. Henk: “Wij zijn erg blij met dit convenant: het scheelt de faculteit geld, het is humaner en zorgt voor een vermindering van proefdieren in het onderwijs.”

Bron: Bitmagazine.nl

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant