
Léon Ripmeester
Eind vorig jaar deed specialist dierenwelzijnsrecht en jurist bij de Dierenbescherming Léon Ripmeester traditiegetrouw concrete voorspellingen over welzijnsontwikkelingen voor paarden in 2026. In zijn column 'Het jaar van het paard: in volle galop door 2026' blikt hij vooruit wat dit onder andere gaat betekenen voor de Nederlandse paardenhouderij.
Tekst: Chantal Emans | Foto's: IStock, privébezit
Wat doet een jurist van de Dierenbescherming?
"Als jurist bij de Dierenbescherming houd ik mij samen met collega’s bezig met het verbeteren van wet- en regelgeving over dieren. Dit doen wij onder meer door bij de regering en overheid aandacht te vragen voor misstanden en verbeterpunten. Dat kan door te lobbyen bij de Tweede Kamer, communicatieve aandacht te creëren voor een bepaald onderwerp en samen te werken met relevante partijen zoals de paardensector. Als het gaat om paarden, is de ‘Wet dieren' de belangrijkste dierenwelzijnswet in Nederland. Deze wet is verder uitgewerkt in een aantal Besluiten, waarvan het ‘Besluit Houders van Dieren' de belangrijkste is. Daarnaast is
het Wetboek van Strafrecht essentieel, wanneer het om mishandeling of verwaarlozing gaat."
Waar ligt juridisch gezien de grens tussen slechte verzorging en strafbare verwaarlozing?
"Dat is nou juist iets wat in de wetgeving niet helder genoeg is geregeld. Er zijn weinig concrete regels over wat je als paardeneigenaar moet doen, terwijl een goede wetgeving juist duidelijk maakt wat verplicht is, wat mag en wat verboden is. Gek genoeg ontbreekt in de Nederlandse wetgeving vrijwel geheel de specifieke aandacht voor het hobbymatig gehouden paard. Daarnaast beseffen volgens mij maar weinig paardeneigenaren de essentie van dierenwelzijnsregels, zoals bijvoorbeeld voor de identificatie en registratie van individuele paarden. Ik vraag me af wie van de lezers de ‘Wet dieren’ al kende voordat ze dit artikel lazen?"
Wat is uw visie op paardenwelzijn?
"Als ik het bekijk vanuit de wetgeving, dan vind ik dat er te weinig passende regels zijn om het paardenwelzijn in Nederland goed te waarborgen. In de praktijk worden verschillende aspecten van paardenwelzijn vaak onderschat. Het gaat dan om het belang van de zogeheten ‘3Fs’ gedurende de tijd dat een eigenaar niet met een paard bezig is. Paarden hebben immers veel behoefte aan sociaal contact (friends), vrije beweging (freedom) en ruwvoer (forage). Vooral over het belang van een constante beschikbaarheid van goede kwaliteit ruwvoer is veel onwetendheid, terwijl dit cruciaal is voor de gezondheid en het mentale welzijn van paarden."
Kan de politiek iets doen voor paardenwelzijn?
"Ik verwacht niet direct wetswijzigingen of beleidsmaatregelen die speciaal voor paarden het verschil gaan maken. Daar moeten we écht aan gaan werken! Het opnemen van dieren in de Grondwet zou hun positie namelijk direct versterken en daarmee definitief erkennen dat dieren geen ‘dingen’ zijn die ten dienste van de mens staan. Daarnaast ligt het grootste struikelblok vooral in de lokale politiek. Als het gaat om bijvoorbeeld de inrichting van weides en dan met name de plaatsing van schuilmogelijkheden; dit zorgt regelmatig voor botsingen tussen paardeneigenaren en gemeenten."
Wat moet er volgens u écht structureel veranderen?
"Doordat de huidige wetgeving te weinig specifieke regels geeft, zijn de bestaande regels moeilijk te handhaven. De overheid zou daarom snel in actie moeten komen om een beter beleid en duidelijke regels te maken over het houden van paarden. Als paardeneigenaar hoef je daar natuurlijk niet op te wachten, want zonder grote investeringen en met kleine aanpassingen is er veel mogelijk. Zo zijn er steeds meer paardeneigenaren en -bedrijven die hier op een innovatieve manier mee aan de slag gaan. Ik ben daarom optimistisch dat er in de toekomst écht verandering gaat komen, want waar een wil is…" P

