-

Suffolk Punch; het zeldzame trekpaardenras uit graafschap Suffolk

Marlou Verkleij

Suffolk Punch is een uiterst zeldzaam en historisch trekpaardenras. Meer dan twee eeuwen geleden is dit trekpaardenras ontstaan in de Engelse graafschap Suffolk. Met een totaal eigen ondefinieerbaar charisma, een vrijwel onveranderd exterieur en interessante gebruiksdoelen is het echt een paardenras waar je meer over wil weten.

Het karakter en het exterieur

Suffolk Punches zijn harde werkers met een groot uithoudingsvermogen. Naar hun eigenaren toe zijn ze gehoorzaam en gemakkelijk in de omgang. Hoewel ze al jong volwassen en vroegrijp zijn, hebben ze een lange levensverwachtig.

Het hoofd van de Suffolk Punch kent een lichte ramsneus, wijd uit elkaar staande ogen en kleine alerte oren. De hals is fraai gewelfd en gespierd. Het echte karakteristieke aan hun exterieur is echter de massieve lichaamsbouw, want hun gespierde lichaam staat op stevige en korte benen. De benen zijn schoon, enkel op de hakken is minimaal haar toegestaan. De achterhand is rond en sterk, hier komt alle namelijk alle kracht vandaan.



De stokmaat ligt tussen de 162 en 170 centimeter en het gewicht tussen de 600 tot 1000 kilogram.

7 tinten kastanje

Opvallend aan de Suffolk Punch is dat ze altijd kastanje-kleurig zijn. Er worden hierbij zeven tinten onderscheiden, dit zijn; helderrood, goud, rood, geel, licht, donker en matdonker. De manen en staart hebben dezelfde tint als de vacht.

Oorspronkelijke omgeving

De Suffolk Punch is gevormd door de omgeving waarin het trekpaardenras ontstaan is. Graafschap Suffolk grenst in het oosten aan de Noordzee, in het noorden aan Norfolk en in het westen deels aan natte moerasgebieden (The Fens). De Suffolk voldeed aan elke behoefte van de boeren van East Anglia, waarbij de paarden hun hele leven werkten op de particuliere boerderijen. Die betrekkelijke geïsoleerdheid heeft bijgedragen aan de zuiverheid van dit trekpaardenras.

De Suffolk Punch in de historie

De vroege geschiedenis van de Suffolk Punch is niet gedocumenteerd, maar mogelijkerwijs zijn ze voortgekomen uit de paarden die de Vikingen rond de 9e eeuw meenamen naar het gebied. Over dit trekpaardenras werd in de Brittannica van William Camden uit 1586 voor het eerst geschreven.

De Suffolk Horse Society werd in 1877 opgericht dankzij de eerste secretaris Herman Biddell. Hij besteedde een aantal jaren aan het verifiëren en onderzoeken van de geschiedenis van de Suffolk Punch. Op basis van die kennis stelde hij in 1880 het eerste stamboek samen. In datzelfde jaar werden er ook Suffolk Punches naar Amerika geëxporteerd. De American Suffolk Horse Association publiceerde in 1907 voor het eerst een stamboek.

Fokken; het bestand weer op peil krijgen

Alle ‘moderne’ Suffolk Punches stammen af van één hengst; Crisp’s Horse van eigenaar Thomas Crisp uit Ufford. De hengst werd in 1968 geboren in Woodbridge en had korte benen, een groot lichaam en een mooi hoofd. Hij werd gekruist met merries uit Woodbridge, Saxmundham en Framlingham. De voskleurige Nordfolkhengst Blakes Farmer, geboren in 1760, was een andere hengst die in de begintijd van invloed was op de ontwikkeling van dit trekpaardenras.

Dankzij de kwaliteiten bleef dit trekpaardenras in beide wereldoorlogen populair in het gebruik. Na de Tweede Wereldoorlog liepen de aantallen echter plots en dramatisch terug. Redenen hiervoor waren dat grote landbouwmachines hun werk overbodig maakten en door voedselschaarste werden er ook dieren naar het slachthuis gebracht. Op het dieptepunt waren in 1966 werden er slechts negen veulens geregistreerd.

Sinds die dramatische daling spannen liefhebbers zich al in om het aantal fokproducten te verhogen. Dit lijkt de goede kant op te gaan, maar alsnog staat dit trekpaardenras bekend staat als uiterst zeldzaam en ernstig bedreigd.

Invloed op andere paardenrassen

Ondanks zijn wat ongebruikelijke uiterlijk zijn de trekpaarden wereldwijd gebruikt om andere rassen te verbeteren, te verrijken of zelfs te ontwikkelen. De Suffolk Punch is onder meer geëxporteerd naar: Canada, Rusland, Nieuw-Zeeland, Australië, Pakistan en diverse Europese landen

De invloed is opvallend in Pakistan, Denemarken en Rusland. In Pakistan werden Suffolk Punches gebruikt om paarden te fokken voor de cavalerie, de inheemse kuddes te verbeteren en om muilezels te fokken. Naar Denemarken werd rond 1860 de Suffolkerhengst Oppenheimer LXII geëxporteerd, waardoor de Suffolk Punch invloed had op de ontwikkeling van de Jutlander. De Jutlander is overigens het enige paardenras dat fysieke gelijkenissen vertoont met de Suffolk Punch. In Rusland hadden de Suffolks een uitgesproken effect op de Vladimir. Dit is een zwaar Russisch trekpaard.

Gebruik in het verleden

De Suffolk Punch werd puur gefokt om te dienen als trekpaarden in de landbouw en als sleeppaarden in de bosbouw. In traditionele krachtwedstrijden moest de Suffolk Punch een omgevallen boom trekken, terwijl hij op z’n knieën moest gaan liggen. Behalve voor de landbouw werden de trekpaarden ook wel ingezet voor vervoersdoeleinden. Zo trokken ze als tuigpaarden omnibussen of paardentrams. Tenslotte, is een gebruiksdoel het dienen van het leger geweest. Als cavaleriepaarden werden ze tijdens de twee wereldoorlogen ook ingezet als trekpaarden voor de zware artillerie.

Gebruik tegenwoordig

De Suffolks die gekruist zijn met lichtere rassen worden ingezet als sportpaarden. Een ander hedendaags gebruik is de Suffolk Punch als showpaard. Daarvoor is uiteraard vanwege z’n charmante voorkomen en kwaliteiten uitermate geschikt.

Bron: Bitmagazine.nl

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant