-

Russisch warmbloed de Budjonny

Boedjonny Arnd Bronkhorst

Dit paardenras is één van de jongste Russische paardenrassen, omdat het pas in de jaren ’20 gecreëerd werd en in 1949 officieel als paardenras werd erkend. Het ras is in z’n thuisland Rusland enorm populair. Ontdek via dit artikel welke speciale raskenmerken de Budjonny bezit.

Militaire vraag naar cavaleriepaarden

In de 20ste eeuw werd de Don in enorme aantallen gefokt in Rusland en dit paardenras was enorm populair. In de Eerste Wereldoorlog en tijdens de Russische Burgeroorlog (1918-1920) leed dat ras zware verliezen. De stoeterijen van Budjonny, die in de regio Rostov en de Issyk-Kulstoeterij in Kirgizië spanden zich samen in om de aantallen van de Don te stabiliseren.

Tegelijkertijd bleef er een grote militaire vraag naar cavaleriepaarden bestaan. Om aan die vraag te voldoen en de verliezen van de Eerste Wereldoorlog op te vangen, wilde de bolsjewistische cavaleriecommandant Semjon Michajlovitsj Boedjonny (de spelling Boedjonny is ook correct om dit paardenras mee aan te duiden, maar in dit artikel gebruiken we Budjonny) een nieuw ras creëren. Als fokker lukte dat in de jaren ‘20 en het resultaat hiervan werd gebruikt in de Russische cavaleriedivisies van de Tweede Wereldoorlog. Ook daarna werd de Budjonny als cavaleriepaard ingezet door Rusland.

De stoeterij van Budjonny

De thuisbasis van dit paardenras zou de stoeterij van Budjonny gaan worden. Ook stoeterij Zimovnikovski in de Zuid-Russische regio Rostov legde zich toe op de ontwikkeling van dit paardenras.

In Rusland is er ook een populatie van de Budjonny die vrij en in het wild leven. Deze groeien op de steppen op.

Drie types Budjonny

In 1949 werd het paardenras officieel erkend en geaccepteerd. Toen waren er drie verschillende types van dit paardenras. Er werd onderscheid gemaakt in massief, oosters en gemiddeld. Het type ‘massief’ was groot, robuust van aard en had een goed ontwikkelde botstructuur. Dit type was geschikt voor herders, maar werd ook vaak gebruikt om koetsen te trekken. Het ‘oosterse’ type was lichter en eleganter, maar er was wel meer verzorging voor nodig om ze in goede conditie te houden dan bij het type ‘massief’. Bij het ‘oosterse’ type kwam in de vacht de kleur kastanjebruin met een gouden gloed voor of ze waren bruin. Het type ‘gemiddeld’ was atletisch gebouwd, redelijk groot en gespierd. Hij was sneller dan de twee andere types en leek veel op de Engelse volbloed.

Omdat er later uitsluitend de vraag ontstond naar een veelzijdig wedstrijdpaard, is er op een gegeven moment nog maar één type gefokt, dat nog meer bloed van de Engelse volbloed in zich heeft.

Boedjonny

Het exterieur

De Budjonny van tegenwoordig heeft stevige benen en een sterke bouw. Ze lijken in het uiterlijk erg op een Engelse volbloed. De Budjonny heeft dus ook een fijn, elegant hoofd en dat loopt spits toe. De hals is vrij lang en recht. Ook staat die hals goed in verhouding tot het lichaam en het hoofd. De onderbenen zijn recht, slank en stevig. Dit paardenras heeft kleine hoeven.

Qua kleur is ongeveer 80% van dit paardenras vos met een gouden gloed. Die gouden gloed hebben ze geërfd van de Don en de Tsjemomors. De vachtkleuren bruin, grijs en zwart komen eveneens bij dit paardenras voor. De stokmaat voor merries ligt gemiddeld op 163 centimeter en die van een hengst op 165 centimeter.

Gesponsorde fokprogramma’s

De Budjonny is gebaseerd op de Don, de Kozak en de Engelse volbloed. Het is een bijzonder ras, omdat de complexe fokprogramma’s onder meer op sponsoring door de staat kunnen rekenen. De staat begon hier na de Russische Revolutie mee en doet dit tot op de dag van vandaag nog steeds. Tegenwoordig fokken ze dit paardenras ook in Oekraïne, Kazachstan en Kirgizië.

Boedjonny
Budjonny; merrie en veulen

Huidige gebruik

De Budjonny is tegenwoordig veel in gebruik als allround wedstrijdpaard. Het ras is snel, lenig en heeft veel uithoudingsvermogen en dat maakt hem geschikt voor verschillende takken binnen de paardensport. Zo tref je dit paard onder meer aan in de dressuur, in de springsport, bij eventing en in de endurance. Soms dienen ze ook nog weleens als ren- of koetspaard.

Bronnen: Dier en natuur en Budennyhorse.

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant