-

Holsteiner; het oudste Duitse warmbloedras

Holsteiner volwaardig portret Arnd Bronkhorst

De geschiedenis van het oudste Duitse warmbloedras de Holsteiner begint zo’n 700 jaar geleden. Over die geschiedenis en historie lees je alles in dit artikel. Daarnaast wordt er ingegaan op de rasspecifieke kwaliteiten, die ervoor zorgen dat dit paardenras tot op de dag van vandaag geliefd is.

Deelstaat Sleeswijk-Holstein

Dit paardenras is vernoemd naar deelstaat Sleeswijk-Holstein, omdat de geschiedenis 700 geleden daar in de omgeving van Elsmhorn begon. Op het drassige land aan weerszijde van de rivier de Elbe leefden al sinds oeroude tijden paarden, die waarschijnlijk door nomadenvolkeren uit West-Azië zijn meegebracht. Deze paarden moeten van het woestijntype zijn geweest, zoals het oude Turkmeense paard, maar hadden zich in de loop der tijd aangepast aan het koudere en vochtige klimaat van Noord-Duitsland.

Fokkerij; van monniken tot de Kroon

De monniken van het klooster in Uetersen, dat middenin de vruchtbare moeraslanden van Haseldorf ligt, zouden in de 13de-eeuw als eersten paarden hebben gefokt in het gebied. Dat gebied groeide vervolgens uit tot het centrum voor de paardenfokkerij, die geleid werd door plaatselijke grondbezitters en edelen. Na de Reformatie, die in 1517 begon, verwierven de landeigenaren fijne paarden uit de plaatselijke kloosters en verbeterden ze deze door ze te kruisen met hengsten van Spaanse, Oosterse en Napolitaanse afkomst.

De hertogen van Sleeswijk-Holstein stimuleerden met name de fokkerij van grote, sterke paarden. De kwaliteit van de Holsteiners kreeg al vroeg een goede basis doordat er direct strenge fokbeperkingen golden. Ook voerde de Kroon in 1713 een hengstenkeuring in om greep te krijgen op de ontwikkeling van dit paardenras.



Veulen van Holsteiner

Doorontwikkelingen in de fokkerij

Het paardenras verwierf al snel een geweldige reputatie in heel Europa en werd daardoor algauw geëxporteerd naar andere Europese landen. In Duitsland zelf werd de Holsteiner in de 18e-eeuw op grote schaal gebruikt om lokale rassen te laten ontstaan of te verrijken, zoals bij: de Westfaler, de Mecklenburger en de Hannoveraan het geval is. Onder meer in de stoeterij van Dillenburg en van het Nedersaksische Celle gebruikten ze Holsteinerhengsten om de indrukwekkende Hannoveraan te ontwikkelen.

Aan het begin van de 19e-eeuw werd de Holsteiner wat lichter gemaakt door kruisingen te maken met Engelse Volbloeden. Vanaf 1830 werd er ook gekruist met Yorkshire Coach Horses, paarden uit Hannover en Oldenburg.

Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog waren er helaas niet veel Holsteiners meer over. In 1960 sloot de staatsstoeterij van Traventhal en moesten de Holsteinerfokkers hun strategie herzien. Ze verhuisden de hengsten naar Elmshorn en daar slaagden ze erin om de hoeveelheid en de kwaliteit van het fokmateriaal te herstellen.

Het exterieur

In alle opzichten is de Holsteiner een topatleet. Dit wordt verraden door het exterieur. Het hoofd van de Holsteiner heeft een recht profiel met expressieve ogen en grote neusgaten. De hals is laag aangezet, maar sterk en de Holsteiner heeft veel schoft met gespierde schouders. Hij heeft stevige gewrichten en grote ronde hoeven. Zijn romp is compact en de benen zijn slank. De elegante uitstraling heeft de Holsteiner geërfd van de Engelse Volbloed.

Vroeger was schimmel de meestvoorkomende vachtkleur. Tegenwoordig komen ook alle tinten bruin, vos of zwart voor. Alle kleuren, behalve bont, zijn toegestaan. De stokmaat is fors en zit doorgaans tussen de 165-175 centimeter.

Karakter en beweging

Het karakter van dit paardenras kenmerkt zich doordat ze intelligent, betrouwbaar, werkwillend, stressbestendig en gehoorzaam zijn. Het paardenras heeft ruime gangen en beschikt qua beweging over een groot atletisch vermogen.

Huidige stamboeken

Voor de registratie van dit paardenras bestaan twee stamboeken; het officiële Duitse stamboek en het Amerikaanse stamboek.

Het Holsteinerfokmateriaal wordt streng gecontroleerd binnen de huidige stamboeken. Alleen goedgekeurde paarden mogen worden gebruikt voor de fokkerij als opname in het stamboek gewenst is. Hengsten worden vanaf tweeënhalf jaar gekeurd op alle aspecten, inclusief bouw, type en beweging. Slechts een klein percentage van de voorgedragen hengsten krijgen ook daadwerkelijk een deklicentie. Op hun derde levensjaar ondergaan ze nog eens een onderzoek dat 100 dagen duurt en alleen als ze dit met goed gevolg afsluiten dan komen ze in het stamboek. Er zijn eveneens keuringen en stamboeken voor merries.

Redelijk recent, in 2017, heeft het relatief gesloten stamboek (het Holsteiner Verband) ook het nieuwe stamboek ‘Holstein Global’ opgericht. In dit register kunnen merries en hengsten met vreemd bloed toch volledig worden opgenomen. In het artikel ‘Holstein zet de deuren open met ‘Holstein Global’’ lees je daar meer over.

Veulen en merrie Holsteiner

Gebruik in het verleden

De Holsteiner werd ontwikkeld voor werk op het land en in het leger. Als cavalariepaard ofwel oorlogspaard werden Holsteiners vanaf de 16e-eeuw geëxporteerd naar Denemarken, Spanje, Italië en Frankrijk. In de 17e-eeuw werd de Holsteiner voornamelijk gebruikt als koetspaard.

Modern gebruik in meerdere disciplines

Recreatief gezien zijn ze geschikt als rij- en koetspaard. De Holsteiner wordt tegenwoordig ook als sportpaard ingezet bij de dressuur, mensport en in de eventing. In die laatste discipline heeft bijvoorbeeld de Nederlandse amazone Merel Blom drie verschillende Holsteiners uitgebracht, namelijk: Chiccolino, Ceda en Rumour has it.

Modern gebruik in de springsport

Pas in 1930 werd het formidabele springvermogen van dit paardenras ontdekt. Hun bijzondere springtalent zorgde ervoor dat steeds meer Duitse springruiters met een Holsteiner in het parcours verschenen. Een voorbeeld van zulke combinaties zijn bijvoorbeeld: Frits Thiedemann met de ruin Meteor, Ludger Beerbaum met Classic Touch en Meredith Michaels-Beerbaum met Apsara.

Ook Belgische en Nederlandse springruiters maken graag gebruik in de springsport van Holsteiners. Enkele voorbeelden daarvan zijn de combinaties: Jos Lansink met Cumano, Jeroen Dubbeldam met Oak Grove’s Carlyle, Hans Peter Minderhoud met In Style en Doron Kuipers met Charley.

Bron: Bitmagazine.nl

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant