-

Fell pony uit het woeste berglandschap van Cumbria

Fell hoofdfoto Arnd Bronkhorst

De Fell pony is stoer en gewend aan een woest berglandschap. Deze bergpony’s komen uit het Engelse district Cumbria. Het ponyras is een bedreigd en zeer oud. In dit artikel lees je over de geschiedenis, de voorouders, het exterieur en het karakter van de Fell pony. Daarnaast geeft Joyce de Hoogh, stamboeksecretaris van het Nederlands Fell Pony Stamboek (NFPS), toelichting over de fokkerij in Nederland en het gebruik door de tijd heen van de Fell pony.

Wortels van dit ponyras

De wortels gaan ver terug en zijn te herleiden tot de Romeinse bezetting van Brittannië. Die bezetting begon vanaf 55 voor Christus onder leiding van Julius Caesar. Aan de noordgrens leverden die Romeinen steeds strijd met de Picten, die leefden in wat we nu Schotland noemen. Om de grens te beschermen en de Picten op afstand te houden, liet in 122 de Romeinse keizer Hadrianus een versterkte muur bouwen. Die bouw was zowel historisch van groot belang als dat het een bepalende rol speelde bij het ontstaan van de Fell.

Voorouders

De inheemse pony’s stamden af van een Tarpanachtige pony, die veel gelijkenis vertoonde met de Exmoor. Een andere voorouder is de nu uitgestorven Galloway. De inheemse pony’s waren echter zo klein dat ze moeite hadden met het dragen van de lasten om de muur van Hadrianus te bouwen. Hierdoor werden er al aan het begin van de bouw zeshonderd arbeiders uit Friesland gehaald, die hun grote en opvallende Friese paarden meenamen. Deze werden gekruist met de inheemse pony’s. De Fries is daarmee het paardenras geworden dat de grootste stempel gedrukt heeft op de ontwikkeling van de Fell. Verder heeft de Fell invloeden in zich van vreemde rassen, zoals Arabische en Europese paarden, die door de Romeinen werden geïmporteerd.

Nadat de Romeinen weggingen uit Engeland, bleven er ongeveer duizend hengsten in de noordelijke gebieden achter. Deze hengsten vermengden zich met de inheemse merries, waardoor de eigenschappen van de Fell behouden bleven.



Exterieur van de Fell pony

De Fell pony heeft een mooi en klein hoofd met intelligente ogen en een fraai gevormde hals. De diepe borst, schuine schouders lopen via de rug door in een sterke achterhand. Opvallend en majestueus aan dit ponyras zijn de lange manen, benen met veel behang en de lange volle staart.

De stokmaat gaat tot 142,20 centimeter. De gitzwarte vacht komt het vaakst voor. De zwarte kleur zorgt voor een gemakkelijke vergelijking met de Fries en de Mérens. Schimmel en bruin komt ook voor bij de Fell pony.

Karakter

De Fell beschikt over een uitzonderlijk uithoudingsvermogen, is werkwillig, dapper en sober in onderhoud. De Fell pony heeft daarnaast een vriendelijk karakter, is betrouwbaar en geschikt als veelzijdige gezinspony.

Stamboeken

Het Engelse moederstamboek van de Fell pony is The Fell Pony Society. Dit stamboek is in 1918 opgericht. In die tijd werden pony’s in Engeland puur doelmatig gefokt. Er werd daarom ook vaak gekruist met andere rassen. In 1940 zijn er maatregelen genomen om de Fell Pony als ras te behouden. Vanaf dat moment konden pony’s, waarvan de afstamming niet bekend was, alleen nog in het stamboek opgenomen worden als ze voldoende rastypische eigenschappen vertoonden. Hengstveulens van deze zogenaamde ‘registerpony’s’ moesten gecastreerd worden, maar met merrieveulens mocht verder gefokt worden. Na vier generaties werden deze nakomelingen als echte Fell Pony geregistreerd in het stamboek. In 1970 is het stamboek met deze werkwijze gestopt en toen werd het een gesloten stamboek. Het ras moest het vanaf dat moment doen zonder bijmenging van bloed van andere rassen.

In 1997 is het Nederlands Fell Pony Stamboek (NFPS) officieel erkend als dochterstamboek. “Momenteel telt het bestand van de NFPS zo’n 375 ingeschreven Fell pony’s”, geeft Joyce de Hoogh aan.

Huidige fokkerij

Joyce: “Helaas zien wij, net als de meeste stamboeken, dat de fokkerij de afgelopen jaren is afgenomen.” Wat wel goed nieuws is, is dat het Fell pony syndroom (FIS) geen bedreiging meer vormt bij de huidige fokkerij. Joyce licht dit toe: ” Pony’s kunnen worden getest om te zien of ze drager zijn van FIS (voor goedgekeurde hengsten is dit verplicht). We zien dat fokkers hier zelf hun verantwoordelijkheid in nemen en geen risico willen lopen op een syndroomveulen (alleen bij drager X drager is er een kans van 25% op een syndroomveulen). Je kunt dus prima een FIS-vrije merrie laten dekken door een drager hengst. Om die reden worden dragers niet uitgesloten van de fokkerij, we willen namelijk de bloedspreiding zo groot mogelijk houden.”

Eisen aan bewegingen

Joyce: “We zien graag een goedbewegende pony, maar willen daarbij de kenmerkende eigenschappen van de Fell niet verliezen.”

De stamboeken stellen bij keuringen eisen aan bewegingen voor de stap en draf. Joyce licht deze toe: ” De stap dient welbewust en fier uitgevoerd te worden. De draf goed uitgebalanceerd met een goede actie van de knie en het spronggewricht, goede beweging vanuit de schouder en goede buiging van het spronggewricht, niet te wijd of te kort achter. Ook dient de Fell pony daarbij een goede gang en uithoudingsvermogen te tonen, waarbij de achterhand goed onder het lichaam wordt gebracht.”

Fell in natuur

Traditioneel en modern gebruik

Er is in de loop van de geschiedenis veelvuldig gebruik gemaakt van dit ponyras. De Fell werd als trek-, last- en rijdier gebruikt. De Vikingen gebruikten ze bijvoorbeeld in de landbouw om ploegen voort te trekken en om wol naar de markt te vervoeren. In de late 18e eeuw werden ze als lastdier voor het vervoer van erts naar de smeltovens gebruikt. Verder gebruikten herders, kooplieden en posterijen de Fell als rijdier. In de 19e eeuw maakten de Fell furore als draver, die tijdens drafrennen veelvuldig won van andere rassen.

Door de motorisering van transport en de landbouwmechanisatie na de Tweede Wereldoorlog verloor in de 20ste z’n traditionele gebruiksdoelen. De populariteit kelderde zo dramatisch dat ze zelfs als slachtpony’s verkocht werden. Door vereende krachten van de Britse Fell Pony Society en voorvechters als Beatrix Potter en Koning George V herstelde het ponyras zich en won het weer aan populariteit.

In het modern gebruik van de Fell zijn verschuivingen zichtbaar. Joyce legt uit: “Tegenwoordig is de Fell steeds meer een gezinspony aan het worden. We zien ze ook vaker in de dressuurring verschijnen (zowel onder het zadel als aangespannen). De laatste jaren zien we daarnaast ook nog wat meer de verschuiving van ‘menpony’ naar een veelzijdige gebruikspony.”

Rijden op 'n Fell

Koninklijk gebruik

Een grappig weetje is dat Queen Elizabeth groot fan is van dit ponyras en dat ze ook de beschermvrouwe van het moederstamboek (The Fell Pony Society) is. Ze maakt, ondanks dat ze 94 jaar is, zelf nog dagelijks een (buiten)ritje op haar zwarte Fell pony. Haar groom Terry Pendry zadelt de paarden, verzorgt ze en vergezelt haar elke dag bij het maken van de ritten.

Bron: Bitmagazine.nl.

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant