-

Psyche: Rationeel denken vs. afgaan op gevoel

Frank Sorge

Sanne Beijerman is sportpsychologe, Grand-prix dressuuramazone en instructrice. Iedere maand nemen we samen met haar een mentaal probleem, dat je tijdens het rijden of in de omgang met je paard tegen kunt komen, onder de loep. Deze maand bespreken we de voor- en nadelen van rationeel denken (thinking) en afgaan op je gevoel (feeling).

Thinking vs. feeling

Sanne werkt veel met zogenaamde Actiontypes® om karaktereigenschappen van cliënten en pupillen in kaart te brengen. Vorige maand bespraken we het eerste onderscheid dat in de profielen van Actiontypes® gemaakt wordt, namelijk Introvert vs. Extravert. Een ander onderscheid is Thinking en Feeling oftewel; rationeel of gevoelsmatig zijn. Door middel van een vragenlijst wordt bepaald tot welke type ruiter iemand behoort. Er is geen sprake van goede of slechte eigenschappen in dit profiel. Alle eigenschappen hebben hun voordelen maar kunnen ook een nadeel zijn.Mensen die hoog scoren op Feeling zijn meer empathisch, terwijl mensen met een hoge score op Thinking meer cognitief en rationeel zijn ingesteld,” legt Sanne uit. “Een manager die een Feeling type is bijvoorbeeld, vindt het belangrijk dat de medewerkers in zijn bedrijf zich goed voelen. Een manager die meer een Thinking type is, is meer taakgericht en vindt het belangrijker dat het werk af is.

‘Bij Feelers ligt de focus op het gevoel en beslissingen worden ook van daaruit genomen’

Harmonie

“Je ziet dat verschil ook terug in de omgang met paarden. Het is heel belangrijk om goed te kijken naar wat de karaktereigenschappen van ruiters zijn, om hier zo goed mogelijk op in te kunnen spelen, bijvoorbeeld tijdens een les. Ieder type heeft namelijk bepaalde talenten en bijbehorende valkuilen, ook in de sport. Het grootste talent van ruiters die hoog scoren op Feeling is harmonie. Het is voor hen belangrijk dat iedereen zich fijn voelt. De mensen die mee zijn op wedstrijd bijvoorbeeld, maar ook hun paard. Vaak is dit positief; in de omgang met paarden is gevoel heel belangrijk en zulke ruiters signaleren bijvoorbeeld al in een vroeg stadium dat hun paard zich niet zo lekker voelt. Hun focus ligt op het gevoel en beslissingen worden ook van daaruit genomen. Zij zeggen bijvoorbeeld: ‘Ik ga naar dit en dit concours, want dat voelt goed. En ik ga nooit meer daar en daar starten want daar hangt zo’n kille sfeer.’ Iemand die hoog scoort op Thinking kijkt veel praktischer en zou zeggen: ‘Hoezo? Die baan ligt er toch prima bij?’”

Plannen

“Het talent van ruiters die hoog scoren op Thinking is planmatig kunnen werken. Zij zeggen tegen zichzelf: ‘vandaag ga ik een proef oefenen, en doen dat ook. Zulke ruiters kun je ook meer een plan meegeven wat ze vervolgens thuis moeten uitvoeren. Thinkers zijn rationeler, zowel naar paarden als naar mensen toe.

‘Als je zo open staat voor gevoel en gericht bent op harmonie, kan dat ook een zwakte worden’

Valkuilen

Zoals bij iedere karaktereigenschap, kan een talent ook een valkuil worden als je er in doorslaat. “Bij ruiters die hoog scoren op Feeling is dat hun grote mate van empathie,” vertelt Sanne. “Als je zo open staat voor gevoel en gericht bent op harmonie, kan dat ook een zwakte worden. Je kunt niet altijd door iedereen aardig gevonden worden, soms moet je even ‘hard’ zijn en je grenzen aangeven. Dat geldt ook in je rijden. Ruiters die extreem hoog scoren op feeling zijn bovendien vaak wat overbezorgd. Die denken constant dat er wat mis is met hun paard en maken zich te snel druk. Een beetje rationeel denken zou dan goed zijn.”

Sensor

“Daar tegenover staan de ruiters die hoog scoren op Thinking, die soms met te weinig gevoel rijden en zich niet goed kunnen inleven in hun paard. Een paard is een levend wezen en wie goed wil rijden, zal dat met gevoel moeten doen. Een typische valkuil voor dit soort ruiters is om te denken: ‘ik heb de proef thuis geoefend en dat ging goed, dan moet hij het op wedstrijd ook doen.’ Ze houden vaak geen rekening met factoren als spanning, ze voelen dat minder aan. Ze snappen dat wel als je het uitlegt, maar die sensor staat niet altijd aan. Dat merk je ook in de omgang met anderen, mensen die extreem hoog scoren op thinking kunnen een beetje bot overkomen. Zo’n ruiter kan bijvoorbeeld ook missen dat zijn paard niet helemaal lekker in zijn vel zit. Op zulke momenten zul je je toch in je paard moeten inleven en kun je je niet altijd aan je vooraf bedachte plan houden.”

‘Een paard is een levend wezen en wie goed wil rijden, zal dat met gevoel moeten doen’

Tips voor een goede balans tussen thinking en feeling:

  • Ontdek je kracht. Beide eigenschappen zijn een talent. Onder stress ga je meer doen van waar je goed in bent, het is goed je dat te beseffen.
  • Ben je erg empathisch? Waarschijnlijk zul je dan onder stress nog meer opletten of iedereen happy is, dat kan een valkuil zijn. Zorg dat je er achter komt op welk punt het een valkuil begint te worden. Probeer dan naar de andere kant te gaan en even rationeel na te denken.
  • Ben je erg rationeel? Alleen logisch nadenken kan niet altijd. Probeer minder taakgericht te zijn en meer te voelen. Hoe is het met iedereen en met je paard? Je hebt een bepaalde mate van gevoel nodig als je met paarden bezig bent. Echt sensibele paarden kun je niet rijden zonder empathisch vermogen. 

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant