-

Project Paard. Red Madelief! Aflevering 5

Elke keer als het magazine Bit verschijnt, komt er ook een nieuwe aflevering online van het boek Project Paard. Red Madelief! In totaal zijn er tien afleveringen. Kun je niet wachten, dan kun je het boek ook bestellen in onze webshop. Vandaag aflevering 5!

Angel en Eefje zorgen op de manege samen voor de kreupele Madelief, die zich anders te pletter verveelt. Tijdens de laatste wandeling kwamen ze langs de wei van Sem, een tinker. Op deze woensdagmiddag kunnen de meiden niet wandelen, maar ze mogen Madelief en privépony Sjonnie poetsen.

Woensdag – later die middag

We deden er bijna een uur over om Madelief en Sjonnie te laten blinken. De groep van half drie kwam terug voor we aan het hoeven krabben toe waren. Annelotte en Magic liepen voorop. Magic had zich flink druk gemaakt; hij was kletsnat van het zweet. Toch zat Annelotte te glimlachen; wat ik ook zou doen als ik zo’n paard had. Spido liep achteraan. Nina reed met lange teugels en zat heel ontspannen rond te kijken. Spido was helemaal niet bezweet. Hij is buiten dus kennelijk echt veel relaxter dan binnen. Madelief hinnikte een keiharde groet. Mijn lieve super-haf had zo graag mee gewild. Eefje draaide haar hoofd opzij en werd rood. Haar Levi-alarm werkte top! Hij kwam uit de stallen en zwaaide naar het meisje op Boris. Ze zwaaide glimlachend terug. Ik kende haar niet, maar vond haar meteen onaardig. Totaal onverwacht vloog Spido ineens naar voren. Nina hing er half naast. Ze kon zich nog net vastgrijpen aan de manen. Het schimmeltje galoppeerde recht op Levi af.

Levi stapte opzij en Spido rende de gang in. Gelukkig kwam Bente er net aan. Zij greep Spido’s teugels, stopte hem en hielp Nina veilig op de grond. Voor hetzelfde geld was Spido met Nina op zijn rug een stal in gerend. Zoiets levert minstens een verdraaide knie of een hersenschudding op. ‘Angel! Hou Madelief en Sjonnie vast!’ hoorde ik Eefje roepen. In een reflex greep ik de halstertouwen. Eefje rende naar voren. Het was een chaos: alle pony’s hinnikten, draaiden en sprongen. Magic steigerde. Toen zag ik pas wat er aan de hand was. Eigenlijk hoorde ik het eerst: dreunende hoeven. Sem kwam in volle galop de binnenplaats op. In z’n eentje! Hij denderde dwars tussen de groep pony’s door, recht op mij af. Madelief hinnikte. Eefje probeerde Sems halster te pakken, maar hij draaide om haar heen. Sjonnie trok aan het touw; hij wilde van Sem weg. Madelief trok ook, maar zij wilde juist naar Sem toe. Met een ruk trok ik beide halstertouwen los, net  voordat de halsters kapot zouden springen.  Omdat Sjonnie de andere kant op wilde dan Madelief werd ik bijna in tweeën getrokken. Toch liet ik  niet los!

‘Hij mocht niet ontsnappen!’

Ik keek rond voor hulp. De enige die geen pony vasthad, was Levi. Levi stond erbij en keek ernaar.  Hij bewoog geen vinger. Onbruikbaar in deze noodsituatie. Intussen was Sem vlakbij. Hij stopte, draaide scherp en hinnikte. Madelief trok, het touw schuurde door mijn hand… En weg waren ze. Sem voorop en Madelief achter hem aan. Haar achterbenen werkten prima. Hoewel mijn handpalm brandde, greep ik Sjonnies  touw met twee handen vast. Hij mocht niet ook ontsnappen! Nina hield Spido vast en Bente kwam mij van Sjonnie verlossen. ‘Ga je vriendin maar helpen,’ zei ze. ‘Voordat Madelief ongelukken maakt.’ Eefje is geen vriendin, maar Madelief wel! Zo snel ik kon, spurtte ik weg. Sem en Madelief waren de pony’s voorbij. De meeste ruiters stonden er al naast. Ik zag één meisje op de grond liggen. Annelotte was bij haar, dus ik kon me beter met Madelief bezighouden. Eefje liep voor me uit. Zij kan ook hard rennen! Niet dat het nodig was. Nu Sem zijn jonkvrouw had bevrijd, kalmeerde hij snel. Al aan het begin van het zandpad stopten ze. Toen Eefje het tweetal bereikte, stonden ze te grazen. Eefje pakte Madeliefs halstertouw. Drie seconden later pakte ik Sem bij zijn halster. We leidden de haflinger  en de tinker terug naar de binnenplaats. Het meisje dat gevallen was, stond alweer rechtop. Zo te zien was er niks ernstigs met haar aan de hand. ‘Waar komt die tinker vandaan?’ vroeg Annelotte. ‘Uit het weiland tegen de bosrand,’ zei Eefje. ‘Ik denk dat hij jullie achterna is gekomen,’ zei ik, terwijl ik Sems halster stevig vasthield met mijn linkerhand. Op mijn rechter zat een wond van het touw. Ik probeerde de brand eruit te blazen, wat niet echt lukte. ‘Dat ziet er pijnlijk uit, Angel,’ zei Bente. ‘Je hield Madelief lang tegen, hoor.’ ‘Je bent goed met paarden.’ Levi kwam dichterbij en de pijn werd meteen minder. ‘Jij anders niet, Levi,’ snauwde Bente. ‘Je deed helemaal niks om de chaos te verminderen!’ ‘Sorry.’ Levi keek naar zijn tenen. ‘Ik wist niet wat ik moest doen, ik ben nog maar een beginner. Angel en Eefje kunnen goed met paarden omgaan, ik wilde hen niet in de weg lopen.’ Best een redelijk excuus. Toch? Bente slaakte een diepe zucht en draaide haar rug naar hem toe. Ze maakte Sjonnies halstertouw los en gaf het aan mij. ‘Hier,’ zei ze, ‘met touw heb je meer te zeggen over die lomperd.’ ‘Hij is best lief,’ zei ik verontwaardigd. ‘Vast wel, maar nu even niet,’ zei Bente. Ze had wel een beetje gelijk. Magic legde zijn hoofd op Annelottes schouder; kennelijk was hij moe van alle drukte.

‘Weet iemand hoe we snel en veilig van onze bezoeker afkomen?’ vroeg Annelotte. ‘Angel en ik kunnen hem terugbrengen,’ antwoordde Eefje. ‘Wij weten waar hij staat.’ ‘Graag.’ Annelotte knikte. ‘Wat doen we met Madelief?’ vroeg ik. ‘Kan ze  meelopen?’ ‘Nee,’ zei Annelotte heel beslist. ‘Waren jullie al klaar met poetsen?’ wilde Bente weten. ‘Niet helemaal,’ antwoordde ik. Bente stelde voor om Madelief en Sjonnie weer in de longeerbak te zetten. Dan konden we het werk afmaken nadat we Sem in zijn eigen weiland hadden geparkeerd. Het was een goed idee en we gingen ervoor. ‘Dank je wel voor jullie hulp, Angel en Eefje,’ zei Annelotte. ‘Goed werk.’ Levi keek mij peinzend aan. Zou hij afknappen op mijn naam? Hij knapte in elk geval wel af op Bente. Zij gaf  haar neef een donderpreek over verantwoordelijkheid  en behulpzaamheid. Ze klonk alsof ze zijn moeder was.

‘Bij het weiland werd duidelijk hoe hij was ontsnapt: dwars door het schrikdraad heen’

In het begin wilde Sem niet meelopen. Madelief hinnikte naar hem vanuit de longeerbak. Hij keek telkens om en het eerste stuk moest ik hem vooruitsleuren. ‘Geef Sem maar aan mij.’ Eefje stak haar hand uit. ‘Jouw hand doet al zeer genoeg.’ Verbaasd gaf ik haar het halstertouw. Was ze nou aardig of wilde ze Sem gewoon graag vasthouden? Voorlopig gaf ik haar het voordeel van de twijfel en ging ik voor aardig. Tinkers zijn vreetmonsters, dat weet iedereen, maar  Sem is een geval apart. Onderweg wilde hij snoepen  van het gras. Eefje wilde dat niet en trok zijn hoofd omhoog. Opeens stapte Sem op Eefjes voet. Niet echt pijnlijk, maar voldoende om haar af te leiden. Snel nam Sem een hap gras. Die eerste keer leek het per ongeluk te gaan, de tweede keer kregen we argwaan. Bij de derde keer hadden we het door: hij deed het expres! Sem zocht een lekkere pluk gras uit, stapte op Eefjes tenen en dook. Wat een ontzettend slimme tinker! Wij waren nog slimmer. Ik ging schuin achter hem lopen. Zodra ik hem naar de berm zag kijken, tikte ik op zijn ronde billen en beval: ‘Doorlopen, Sem!’ Dat deed hij. Hij was slim genoeg om te begrijpen dat hij er bij ons niet mee wegkwam. Bij het weiland werd duidelijk hoe hij was ontsnapt: dwars door het schrikdraad heen. Er zat niks anders op dan hem in de stal op te sluiten. Gelukkig kon dat. Er was een deur met drie dikke schuiven erop. Waarschijnlijk kon hij ook deuren openmaken. We hadden nog meer geluk. Binnen hing een briefje aan de muur met het telefoonnummer van ene Amy. ‘Vast het meisje dat we gisteren zagen,’ zei Eefje. ‘Ik hoop het,’ zei ik. ‘Het kan ook de dierenarts of de hoefsmid zijn.’ ‘Ik probeer het.’ Eefje pakte haar telefoon en belde. Het was Sems eigenaresse en ze was heel blij met het telefoontje. Ze kon er binnen een kwartier zijn en vroeg ons of we even wilden wachten. Na tien minuten kwam het meisje van gisteren aangefietst.

‘Alle oplossingen die wij bedachten, had ze al een keer bekeken, dus we kwamen er niet uit’

Ze zwaaide al bij het hek en kwam hijgend de stal in rennen. Eefje en mij bedankte ze uitvoerig en op Sem mopperde ze flink. Tot Sem zachtjes brieste en haar heel lief aankeek. Amy zuchtte en klopte hem op zijn hals. ‘Het is al goed, Semmetje. Je bent een ramp en een schatje.’ Ze bleek wanhopig te zijn; Sem wil kennelijk niet alleen zijn. Hij ontsnapt regelmatig en maakt dingen kapot. Ze vertelde dat ze al een sterker stroomapparaat had gekocht, maar dat hielp ook niet. ‘Hij heeft een maatje nodig,’ zei Eefje wijs. ‘Ja, eigenlijk wel,’ gaf Amy toe, ‘maar dat geeft ook weer problemen.’ Een pony erbij was te duur, zei ze, en ze had ook geen tijd voor twee pony’s. Een bijrijder wilde ze niet, dat gaf alleen maar problemen. Net als een pony van iemand anders. Een shetlander werd het ook niet, want shetten waren meestal veel te ondeugend. Ze was bang dat ze dan samen dubbel zo veel streken gingen uithalen. Alle oplossingen die wij bedachten, had ze al een keer bekeken, dus we kwamen er niet uit. Amy ging  het hek repareren en wij liepen terug naar  de manege.

Sjonnie zag er niet uit! Hij had uitgebreid in het zand liggen rollen en van de poetsbeurt was niks meer te zien. Madelief was nog schoon. Ze stond akelig stil op ons te wachten. Niet omdat ze Sem miste, nee, omdat ze zere benen had. Ze liep zo beroerd dat ik er tranen van in mijn ogen kreeg. Cas zag ons voorbijkomen. ‘O jee,’ zei hij, ‘dat ziet er slecht uit.’ Annelotte had hem alles al verteld over de chaos op het binnenplein. Cas schudde zijn hoofd. ‘Die ontsnapping heeft haar benen geen goed gedaan.’ Hij voelde Madeliefs benen na. Die waren opgezet en warm. Het was helemaal fout! Cas bracht Sjonnie weg, zodat wij samen voor Madelief konden zorgen. Hij drukte ons op het hart om daarna meteen naar de kantine te komen. We beloofden het.

‘Gelukkig had ze meer honger dan pijn en wilde ze wel eten’

We spoelden Madeliefs benen af met koud water en zetten haar in de stal. Ze bleef stil in een hoekje staan wachten, tot we haar een armvol hooi hadden gegeven. Gelukkig had ze meer honger dan pijn en wilde ze wel eten. We lieten haar kauwend achter en liepen naar de kantine. Daar zat Cas op ons te wachten. Eerst maakte hij de wond op mijn hand schoon en verbond hem met spierwit verband. Lang zou het niet wit blijven; ik trek vuil aan. Mama kan een hele dag in een witte broek lopen zonder er een vlekje op te krijgen. Ik word zelfs vies als ik stil op een stoel zit. En jij, papa? Of heb je nooit witte kleren aan? Voor we naar huis mochten, kregen we drinken en een gevulde koek. Cas was duidelijk heel blij met ons. Mama niet! Je had haar moeten horen toen ik een kwartier te laat thuiskwam.

Het boek Project Paard – Red Madelief van Nicolle Christiaanse verschijnt in tien afleveringen op deze site. De grappige tekeningen zijn gemaakt door Marja Meijer. De volgende aflevering staat 27 oktober 2017 online. Kun je niet wachten bestel het boek dan via onze webshop.

Lees hier alle afleveringen!

 

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant