-

Proef Iran vanaf de rug van een paard

De deur staat open, dus maak er gebruik van voordat hij door ontwikkelingen op het politieke wereldtoneel weer in het slot valt: bezoek Iran, het land van 1001 nachten, de bakermat van onze beschaving. En niet zomaar een, ‘bezoekje’. Milja de Zwart neemt je mee voor een onvergetelijke bergrit te paard door Iran.

Op de vraag wie van ons het beste kan paardrijden, wijzen alle vingers ineens mijn kant op. Help! Denk ik. Hoezo?! Ik heb nog maar net kennisgemaakt met mijn reisgenoten Sonja, Kristine en Leonard! Hoe dan ook, in de walnotenboomgaard, waar onze paarden klaarstaan, wordt de ongedurige chocoladebruine Maral aangewezen voor mij. Ik probeer maar meteen vriendjes te worden. Maral is honderd procent Dareshori – een ras dat 700 jaar geleden door de nomaden van de Qashqai is gefokt uit voornamelijk hete voorouders, denk ik zo, en voor mij de ‘dancing queen’. Een schatje, fijn te rijden, maar haar benen bewegen tot een kalme stap, dát zit er niet in. Ze heeft iets in haar mars dat ik deze trektocht niet helemaal durf te ontketenen: ongekende snelheid, gekoppeld aan een ongeëvenaard uithoudingsvermogen. Een paard waar je je petje voor afneemt. Het is dag drie van ons avontuur in Iran, dat bestaat uit een stedentrip en een trektocht te paard. Nasim, onze tolk en toeverlaat, heeft het programma in elkaar gezet. Iran is een enorm land, Nederland past er bijna veertig keer in. Je kunt er dan ook paardrijden langs de kust van de Kaspische Zee of de Perzische Golf, in de woestijn of in de bergen. Voor ons zijn het de bergen geworden. Onze stad van aankomst in het zuiden, Shiraz, ligt op 1.500 meter hoogte in het Zagrosgebergte. We reizen door noordelijke uitlopers daarvan. Pieken van meer dan 3.000 meter vormen onze skyline de komende dagen. Zelf verblijven we op zo’n 2.500 meter hoogte.

Groepsfoto!

Maar eerst een oefenrit rond de walnotenboerderij, die we combineren met een lunch en een siësta. Na enig puzzelen heeft iedereen een paard en gaan we op pad. Hoewel? Eerst een groepsfoto! Iraniërs zijn gek op fotograferen, merken we al snel. Onze oefenrit is direct een kennismaking met het landschap. We trekken een plaatje in dat is opgebouwd uit talloze schakeringen geel. Dat heeft ook te maken met het jaargetijde, de herfst, al dient die zich eind september nog niet echt overtuigend aan. Stenen en stof domineren het beeld. De graanoogst is binnen en gras groeit hier nu niet. Water is er daarentegen in overvloed. Uit bronnen en beken in de bergen wordt het met slangen naar de akkers en boomgaarden gedirigeerd.

Sterrenkok

Bij een riviertje nemen we een pauze. De paarden staan vast aan touw dat aan een reuzenharing is bevestigd. Alleen Sonja’s paard Dorna, net als Maral honderd procent Dareshori, maar van een heel ander type, mag loslopen. De jongedame – ze is nog maar vier – weet meteen waar ze naartoe moet: een grote berg groen oefent een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit. Ons eten is ook onweerstaanbaar. Ik krijg een bord met allerlei groenten en een stuk flinterdun brood, plus een komkommer, appels en een zak verse nootjes. De vrouw van onze gids Abdollah, Fereste, is een sterrenkok, zullen we de komende dagen merken.

Schapenspitsuur

Als we terugrijden, is het schapenspitsuur. Ons pad kruist meermaals dat van de herders uit de streek, die op huis aangaan met hun kuddes. Als wij terugkomen in de walnotenboomgaard, staat er een grote eettafel klaar. De paarden worden verzorgd door een team van helpers. Na het eten is het tijd om Iraanse liederen te zingen. Die klinken weemoedig of vrolijk, prachtig in ieder geval. Wij kunnen er in het Nederlands noch Vlaams een mooi antwoord op vinden, dus duik ik mijn koepeltentje in.

Maanlandschap

De volgende ochtend begint onze trektocht door de bergen. Dat betekent rijden door imposante maanlandschappen naar afgelegen kampeerplekken, dicht bij nomaden die hetzelfde zoeken voor mens en dier als wij: water, een redelijk vlak stuk om een tentenkamp op te zetten en ruimte voor de paarden. We slapen op 2.700 meter in Siv Galatsj en op 1.750 meter aan de oevers van de rivier Kor. De paarden klimmen en dalen als de beste, steken zonder problemen stroompjes over, stappen tredzeker door keienvelden, ook na een lange dag, en trotseren zo nodig schapenkuddes, toeterende auto’s, landbouwvoertuigen of graafmachines. Zelfs over een pittig stukje draven door de rivier doen ze niet ingewikkeld. Langs de rivier is veel akkerbouw. We zien graan, uien, aardappels. Natuurlijk zijn er ook schaapherders.

Sterrenhemel

’s Avonds duik ik een koepeltentje in, dat ik soms deel met Sonja. Maar mijn reisgenoten ontdekken ook de nachtrust onder de weidse sterrenhemel. In het beetje beschutting dat stenen muurtjes of walletjes bieden, rollen ze hun matjes en slaapzakken uit om de koude nachten aan den lijve te ondervinden. We zijn hier zo hoog in de bergen dat de temperatuur ’s nachts daalt tot een graad of vijf of nog lager. Het slapen in de open lucht schijnt desondanks een belevenis te zijn, want de volgende ochtend melden ze zich opgewekt weer aan het ontbijt. Misschien is het de hoogte waarop we verblijven. Misschien is het de overdosis buitenlucht. Terwijl het team helpers bij het haardvuur Iraanse liederen zingt, val ik iedere avond in mijn tentje als een blok in slaap.

Stedentrip
Wij landden in Shiraz en vertrokken twaalf dagen later uit Teheran. Daartussen lagen Isfahan en Kashan. Vahid, onze Engels- en Duitssprekende culturele gids, loodste ons onvermoeibaar langs paleizen, moskeeën, koranscholen, musea, praalgraven, tuinen, bazars, pleinen, tombes, schilderachtige dorpjes en opgravingen. Hij ging geen vraag uit de weg. Onze chauffeur Ali reed ons behendig door het verkeer heen. Voor meer informatie: Trailfinders Ruitervakanties www.horseholiday.com, tel. 043-3253466.