totilas
totilas

De Praatstoel: het ‘Totilas-effect’

Nieuws

“Het is misschien een ouderwets woord, maar ik maak me steeds meer zorgen om het Totilas-effect op wedstrijden”. Wilma Dicou staat regelmatig langs de wedstrijdring en het valt haar op dat jury’s tegenwoordig heel wat anders willen zien. “Ze gaan voor spektakel”.


“Laat ik voorop stellen dat ik veel respect heb voor juryleden, die tijdens hun vrije zaterdag of zondag voor een habbekrats in een (vaak) koud hokje of bloedhete auto gaan zitten. Ik denk ook dat ze naar het beste van hun kunnen jureren, maar dat er vergeten wordt dat dressuur iets anders is dan een paard wat met zijn voorbenen langs zijn oren vliegt zoals bijvoorbeeld Totilas dat kan.

Voor mij staat dressuur voor een ontspannen paard, in het Skala staat het ook op de tweede plaats. Zonder die ontspanning kunnen we ook de gevraagde oefeningen niet vloeiend uitvoeren. Maar waarom zien we tegenwoordig dan liever paarden die vol spanning door de ring gaan?

[row][four]
‘We willen alleen nog maar spektakel zien’

[/four][eight]

Spektakel scoort de laatste tijd erg hoog in de basissport. Dat is prima, maar er moet dan geen sprake zijn van een paard dat vol spanning door de ring gaat en slechts door de stuurkunsten van de ruiter enigszins beheersbaar blijft. De hoge mate van spanning resulteert in het spectaculair lopen en dat de rug van het paard hartstikke strak staat wordt maar over het hoofd gezien. Een groot aantal juryleden waardeert een paard dat ontspannen door de ring gaat niet meer.

[/eight][/row]

Ik vind dit een zorgelijke ontwikkeling voor de sport en het paardenwelzijn. We rijden zo misschien wel hogere scores, maar zouden die paarden als ze twintig zijn ook nog zo kunnen lopen? Als we ze allemaal op spanning gaan rijden hebben we in ieder geval één garantie: dat ze dat niet gaan halen.

Ik vrees ook dat de trend door gaat zetten. Vooral de jongere juryleden, en ik wil ze absoluut niet over één kam scheren, zien veel liever spektakel. De oudere juryleden in het vak kijken nog echt naar de proef. Zij kijken nog of een paard in de middendraf ook over de bodem verruimd en niet of hij zijn voorbenen in de lucht zwiept maar geen meters maakt. Er wordt nu vooral gekeken naar het spectaculaire voorbeen, maar dat de achterhand er maar achteraan hangt valt niemand op. We willen tegenwoordig heel wat anders zien, het is een vreemde verschuiving die in mijn ogen niet alleen ligt aan de kwaliteit van jureren, maar aan het huidige beeld van dressuur.

[row][nine]

Je ziet het ook in de hogere klassen, waar met meerdere juryleden wordt gejureerd. Soms krijgt een ruiter van de ene jury een 4 en van de andere een 8, waar moeten we dan als ruiter op gaan trainen? De een vindt het goed en de ander vindt het helemaal niks.

Ik wil absoluut geen juryleden afbranden, maar wellicht is het voor de KNHS een idee om richtlijnen op te stellen. Het plezier van ruiter en paard staat voorop en het zou voor de mensen met een ontspannen paard en proef makkelijker moeten zijn een winstpunt te halen.”

[/nine][three]






Wilma Dicou is jarenlang wedstrijdruiter geweest. Inmiddels rijdt ze nog enkel recreatief en bezoekt ze wedstrijden waarop haar paard wordt uitgebracht..

[/three][/row]

Waar gaan jouw nekharen van overeind staan? Geef je hier op voor De Praatstoel!

3056711