-

Pijnscheut in de liesstreek?

Arnd Bronkhorst

Wel eens een pijnscheut in de liesstreek? Dan wijzen alle tekenen op een blessure aan de ruiterspier. Maar… die bestaat niet. Wat is het dan wèl en wat kun je ertegen doen?

Eigenlijk is het bizar. We doen er alles aan om onze rijdieren in de watten te leggen. Profruiters nemen dierenartsen en hoefsmeden mee naar wedstrijden. Maar een fysiotherapeut voor zichzelf? “Dat is er niet bij”, verzucht sportfysiotherapeut Anton Engels. Hij heeft meerdere ruiters onder behandeling. “Maar het lijkt wel alleen om de paarden te draaien. Ruiters zijn hard voor zichzelf, die willen niet zeuren. Oefeningen doen vinden ze maar onzin. Hartstikke onverstandig, want als je niet luistert naar pijnsignalen van je lichaam kan dat tot langdurige blessures leiden.”

Scheurtjes
Dé ruiterspier bestaat niet. Ruiters gebruiken eigenlijk al hun spieren, maar de adductoren in de benen worden het meest gebruikt om om het paardenlichaam heen te klemmen. Eigenlijk in een beetje onnatuurlijke houding. Meestal worden de problemen veroorzaakt door overbelasting, bijvoorbeeld als iemand ineens meer uren per dag rijdt. Maar ook beroepsruiters, die al van jongs af aan lange dagen in het zadel maken, kunnen er ineens mee kampen. In hun geval zijn er meestal externe aanleidingen, zoals scheefstand in rug of bekken, stress of slaapgebrek.  Sommige ‘amateurruiters’ hebben te zwakke buik- en rugspieren, waardoor ze relatief veel opvangen in hun lies. Engels: “Je krijgt kleine ontstekingen in het spierweefsel of zelfs kleine scheurtjes. Die krijgen te weinig tijd om te herstellen, waardoor het van kwaad tot erger gaat. Bij de eerste tekenen zit er echt maar één ding op: rust! Ik besef dat dat niet meevalt als je een paard op stal hebt staan, maar als je ziek bent kun je ook niet werken.”

Sportmassage
Anton Engels pleit voor regelmatige preventieve controle. “En niet alleen voor profs. Die zouden zéker één keer per week bij een erkend sportmasseur op tafel moeten liggen, want dan worden beginnende klachten in de kiem gesmoord. Maar ook voor anderen heeft het nut om af en toe de stand van je rug te laten controleren. En doe ook iets anders dan alleen paardrijden, om die andere spieren bij te houden. Voel je wat, neem dat dan serieus en stap af. Flink zijn is echt niet slim in dit geval. Heus, over tien jaar ben je me dankbaar.”

Drie oefeningen ter preventie:

  • Ga zitten, houd je rug recht en leun zover mogelijk achterover. Hierbij moet je je buikspieren gebruiken om te voorkomen dat je achterover kiept. Doe nu hetzelfde voorover, zodat je rugspieren aan de beurt komen.
  • Neem een oude fietsband of een ander stevig elastiek en knoop het aan een deurkruk. Hou de band strak op teugelhoogte en druk met een rechte rug de band met beide handen en gestrekte armen omhoog en naar beneden, naar links en naar rechts.
  • Ga plat op je rug liggen. Trek eerst je rechterbeen op en draai het over je linkerbeen tot je knie de grond raakt. Herhaal met het andere been.

Dit is een samenvatting van een artikel uit een oudere Bit.

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant