-

Zijn hengsten verdraagzamer dan gedacht?

Katya Druz

Hengsten leiden vaak een eenzaam leven, omdat er gedacht wordt dat ze onderling niet verdraagzaam zijn. Een recente Zwitserse studie toont echter het tegenovergestelde aan en plaatst nieuwe inzichten over het houden van hengsten.

Onderzoekers aan de Zwiterse National Stud Farm in Avenches hebben een experiment ontworpen om te onderzoeken of gedomesticeerde hengsten in rust samen kunnen leven, net zoals ze doen in het wild.

“In het wild vormen hengsten zogenaamde vrijgezellengroepen. Dit doen ze als ze 2 à 2,5 jaar oud zijn, tot ze de leeftijd bereiken van 4 of 5 jaar. Dan richten ze hun eigen harem op”, vertelt Sabrina Briefer Freymond. “Deze vrijgezellengroepen zorgen ervoor dat hengsten vaardigheden ontwikkelen om een harem te maken en te bewaren en om hun fysieke uithoudingsvermogen te ontwikkelen. Oude hengsten die hun harem zijn verloren zie je vaak ook terug in vrijgezellengroepen.”

Gedomesticeerde hengsten worden echter vaak op jonge leeftijd van andere paarden gescheiden en voor de rest van hun leven alleen gehouden, om zo de kans op vechten te minimaliseren. Briefer Freymond zegt dat deze ‘veiligheid’ ten koste gaat van de mentale gezondheid van de hengst, omdat deze de sociale interactie met andere paarden wordt ontzegd.

Voor hun studie zetten de onderzoekers vijf hengsten bij elkaar. De eerste veertien dagen werden ze apart gehouden, maar wel in staat gesteld om elkaar te horen, zien, ruiken en voorzichtig aan te kunnen raken. Daarna werden ze in een grote weide gezet. De eerste drie weken werden de hengsten nauwlettend in de gaten gehouden en gefilmd. Hun sociale interacties werden de hele dag gedocumenteerd. De onderzoekers keken in het bijzonder naar drie soorten interactie:

Agonistische: elk contact of interactie, leidend tot een grotere afstand tussen de twee dieren (zoals opjagen en schoppen).

Ritueel/onderzoek: elke interactie zonder direct contact die wordt gebruikt om de sociale status van de ander te beoordelen (zoals het ruiken aan mest).

Affiliative: interacties die niet agonistisch of ritueel zijn (zoals het samen kriebelen of spelen)

De onderzoekers maten ook de stabiliteit van de hiërarchie van de kudde door de dominantie van de paarden elke maand, twee maanden en drie maanden na de vorming van de kudde te ranken.

Een jaar later werd het onderzoek herhaald, dit maal met acht nieuwe hengsten. Deze paarden waren 8 tot 19 jaar oud en woonden de laatste vijf jaar op de National Stud. Ze werden gebruikt voor het dekken en rijden en hadden allemaal – op één na – al eens naast een andere hengst gestaan.

De onderzoekers stelden dat de kudde de eerste drie dagen wat beweeglijk was, maar dat het agonistische en rituele gedrag de dagen daarna flink daalde. Uiteindelijk daalde het gedrag tot het niveau dat ook wordt gezien bij vrijgezellengroepen in het wild. De kudde was bij de eerste groep na drie maanden stabiel, bij de tweede groep was dat na slechts twee maanden.

“In vergelijking tot een groep van merries zijn conflicten tussen hengsten vaak indrukwekkender omdat hengsten laten zien hoe goed hun vechtkunst is”, aldus Briefer Freymond. Ze voegt daaraan toe dat door een paar kleine voorzorgsmaatregelen, de verwondingen tot een minimum kunnen worden beperkt. “Om te voorkomen dat ze ernstig gewond raakten, hebben we de hoefijzers verwijderd en zorgen we ervoor dat de groep ver van de merries afstaat. Zo worden conflicten vermeden. Er waren een aantal paarden met wondjes als gevolg van trappen en bijten, maar geen van de hengsten moest worden verwijderd uit de groep vanwege verwondingen veroorzaakt door sociale interacties.”

Dat de hengsten rustig aan elkaar werden voorgesteld heeft volgens Briefer Freymond ook bijgedragen aan het soepele verloop: “Andere studies hebben aangetoond dat paarden die aan elkaar worden voorgesteld door ze in aangrenzende stallen te zetten, zowel minder agressief als non-agressief gedrag vertonen wanneer ze elkaar voor het eerst echt fysiek ontmoeten. Dit kan komen door het uitwisselen van visuele en olfactorische (ruiken) informatie over vechtkunsten wanneer ze in een aangrenzende stal staan. Dat stelt ze in staat om dominante relaties op te bouwen voordat ze in de groep worden gezet. Onze studie toont aan dat bij paarden die (al langer) in een groepshuisvesting staan na een tijdje de frequentie van interactie verminderd en dus ook het risico op verwondingen.”

De onderzoekers concluderen het samenhouden van hengsten niet alleen haalbaar is, maar dat het ook het welzijn van de paarden bevorderd.

Dit onderzoek stond in januari 2013 in het magazine PLoS ONE, maar werd recent weer onder de aandacht gebracht door het volgende filmpje:

Bron: Equus Magazine

Dit vind je misschien ook interessant