-

Vijf oefeningen om van je paard een krachtpatser te maken

Kracht krijgt je paard onder meer door oefeningen met cavaletti Arnd Bronkhorst

Natuurlijk ziet een gespierd paard er prachtig uit. Maar met soepele en sterke spieren is je paard ook beter in staat om jou te dragen en de oefeningen die van hem vraagt goed uit te voeren. Els Wenting, paardenmasseur en instructrice van Flexi-Horse, geeft vijf oefeningen die je paard sterker maken.

Allereerst benadrukt Els Wenting het belang van een goede warming-up en cooling-down: “Zorg dat je paard warm is voordat je met de zwaardere training begint. En stap hem na de training ook goed uit. Zo kunnen de afvalstoffen het lichaam weer verlaten. Hou bovendien rekening met wat jij en je paard kunnen en bouw de training rustig op. Dan voorkom je blessures.”

Oefening 1: longeren

“Ik longeer graag met longeerhulp of de dubbele longe. Zo train je niet alleen de buikspieren en achterhand, maar kun je ook de rugspieren goed trainen. Beter zelfs dan wanneer je op je paard zit”, legt Els uit. “Tijdens het longeren kun je de volte openen en sluiten door je paard naar je toe te vragen en daarna weer naar buiten te laten lopen. Varieer in de gangen en in tempo; vraag je paard afwisselend actiever naar voren te gaan en dan weer te verzamelen. Dit kan zowel in stap, draf als galop.”

Oefening 2: galop

Onder het zadel zijn galopoefeningen bij uitstek geschikt om de rug, buik en achterhand te trainen. Els: “Door in de galop afwisselend te verruimen en te verzamelen activeer je de rug- en buikspieren. Oefen dit eerst op de grote volte, zodat je paard niet zo makkelijk onder je vandaan loopt. Vervolgens kun je de volte gaan sluiten en openen. Rijd dan bij het openen van de volte eens naar voren in middengalop. Dit is ook een goede oefening voor de achterhand van je paard. Je kunt dezelfde oefening ook in draf doen, maar galop werkt het beste voor een betere spieractiviteit.”

Oefening 3: cavaletti

Regelmatig wat cavaletti in de bak leggen als je gaat rijden, is niet alleen goed voor je paard, het is ook een leuke afwisseling. “Hierbij ontspant je paard zijn rugspieren, strekt zijn halsspieren en moet zijn buikspieren aanspannen”, vertelt Els. “Doe je dit voor het eerst met een jong of onervaren paard, begin dan met één cavaletti van ongeveer 20 cm hoog. Start vanuit stap. Gaat dit goed of is je paard al meer ervaren, dan kun je er ook in draf of galop overheen rijden. Vervolgens kun je er nog een cavaletti achter leggen en dit geleidelijk uitbreiden tot meer. Voor een paard in stap leg je ze 90 cm uit elkaar, voor draf op 1.40 m en voor galop op 3 m. Voor pony’s zijn de afstanden afhankelijk van hoe groot de pony is.”

Oefening 4: heuvel op- en afrijden

Is er een heuvel bij jou in de buurt, bijvoorbeeld in de wei of in het bos? Dan kun je die goed gebruiken om zowel de buik als achterhand van je paard te trainen, maar ook om zijn uithoudingsvermogen te verbeteren. Els: “Bouw dit wel rustig op, want dit is best een zware oefening. Begin met een paar keer de heuvel op- en af te stappen. Later kun je dit ook in draf of galop doen. Zo maak je de achterhand van je paard sterker, waardoor hij beter kan verzamelen en een betere galopsprong krijgt.”

Oefening 5: galopbalken

Voor deze oefening leg je twee balken op de grond op een afstand van 12 tot 14 meter (drie á vier galopsprongen voor een paard). “Galoppeer een aantal keer over deze balken. Probeer daarna eens een of meer galopsprongen minder te maken, of juist meer”, legt Els uit. “Je paard leert zo rekken en verzamelen. Ook verbetert zijn balans. De oefening is goed voor rug, hals, achterhand en het schoudergebied. Als variatie kun je de balken ook op drie meter afstand van elkaar leggen, zodat er een soort in-uitje ontstaat.”

Afwisseling en rust

Els vindt afwisseling in de training erg belangrijk. “Ga niet te lang door op een oefening maar wissel af. Dit geldt ook voor de hoofd-halshouding. Voor een goede spieropbouw is het belangrijk om je paard te gymnastiseren, maar ook om voldoende rust in te bouwen. Na een zware training hebben de spieren zo’n twee dagen nodig om te herstellen. Dan kun je bijvoorbeeld rustig longeren, een ontspannen buitenrit maken, of je paard gewoon een dagje in de wei laten. Zo blijft het leuk voor jullie allebei en zal je paard beter in zijn bespiering komen.”

Bron: Bitmagazine.nl

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant