-

Trainen met je paard in een winterse of kleine buitenbak

Lonneke Ruesink

Hoewel het dit jaar nog niet echt winter is geweest, zijn er toch een heleboel ruiters die hun training moeten aanpassen doordat het minder mooi weer is geweest en de buitenbak deels onder water staat. Ook zijn er ruiters die geen grote buitenbak hebben en het met minder ruimte moeten doen. Jurylid en instructeur Margot Hoeberichts legt uit welke oefeningen je met beperkte ruimte kan doen.  

Overgangen

“Wanneer je minder ruimte hebt, kan je altijd overgangen rijden. Dat kan zelfs op een kleine volte, dus met beperkte ruimte is dat geen enkel probleem. Overgangen zijn fijn om te oefenen, omdat je daarmee de controle over je paard vergroot en ook de achterhand sterker maakt. Begin simpel met overgangen van stap naar halthouden en andersom. Wanneer dat goed gaat kan je alle gangen meepakken en eventueel ook de overgang van stap naar galop en weer terug. Zorg dat je iedere keer op een andere plek de overgang maakt, zodat je jouw paard goed bij de les houdt.”   

Voltes openen en sluiten

“Heb je alleen maar een cirkel tot je beschikking? Dan kun je jouw paard ook soepeler maken door de voltes te verkleinen en vergroten. Doe dat steeds stukje bij beetje en verander ook eens van hand. Het is goed om linksom dezelfde oefeningen te rijden als rechtsom, zodat je de spieren van jouw paard aan beide kanten even sterk maakt. Mooie bijkomstigheid: je traint ook jouw eigen handigheid en symmetrie.”  

Door een S van hand veranderen

“Als je minder ruimte hebt, kan je vaak niet over een lange diagonaal van hand veranderen. Je kunt soms wel een korte diagonaal pakken, en meestal kan je ook door een S van hand veranderen. Die S kan je best een beetje mee spelen, door hem op verschillende momenten in te zetten, of het middenstuk van de S in te korten of juist te verlengen. Zorg wel dat je de bogen even groot houdt, ook weer om de spieren aan beide kanten van jouw paard zo gelijk mogelijk te ontwikkelen.”

Verruimen en verkleinen

”Ook verruimen en verkleinen kan prima wanneer je minder ruimte tot je beschikking hebt. Je hoeft namelijk niet te verruimen op een lange zijde of een lange diagonaal, dat kan ook prima op korte stukken. Een mooi voordeel wat je daar ook nog bij krijgt, is dat jouw paard sneller aan de hulpen wordt wanneer je snellere, korte verruimingen oefent. En als je kunt verruimen, dan kan je ook verkorten. Ook handig, want zo leer je ook de passen van je paard goed kennen én kan je oefenen in het behouden van de takt.”

Wijken

“Wijken leren we vaak vanaf de tweede hoefslag naar de kant toe. Maar wist je dat we (jonge) paarden ook vaak leren wijken door van een kleinere volte naar een grotere volte te gaan waarbij we ons binnenbeen gebruiken om het paard naar buiten te ‘duwen’? Als je wat verder bent, kan je dit ook andersom doen, dus van de grotere volte naar de kleinere volte wijken. Overigens wordt bij proeven wijken alleen gevraagd in draf, maar ook in stap en galop kun jij jouw paard vragen om voor je been opzij te gaan. En denk ook eens aan schouderbinnenwaarts of andere zijgangen op de volte. En ben je nog niet zover? Rij dan eens met extra stelling naar binnen of buiten op de volte.”

Combineren

“Bovenstaande oefeningen kan je ook prima combineren. Want wist je dat je ook kan verruimen en verkorten in wijken? Of een overgang kan maken in de schouderbinnenwaarts? Als je nog niet zo ver bent, kan je ook in jouw ‘door een S van hand veranderen’ in het midden een keer halthouden. Ook fijn: als je thuis al eens moet oefenen met minder ruimte, dan red jij je op wedstrijden ook met minder ruimte voor het losrijden.”

Bron: Bitmagazine.nl

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant