-

Tips om jezelf voor te bereiden op de volgende dressuurklasse

Lonneke Ruesink

Dressuur is eigenlijk de gymnastische basis van de paardensport. Wat we ermee bedoelen is dat we als ruiter ons paard gymnastiseren en gehoorzaam maken. Alle sportruiters gebruiken dressuur, ook als ze uitkomen in een andere discipline van de paardensport. Wanneer je wel in de dressuursport uitkomt op wedstrijden, heb je te maken met verschillende klassen van verschillende niveaus. Soms verkijken we ons als ruiter een beetje op de volgende klasse waar we in moeten starten. Hoe komt dat en bereid je jezelf nou zo goed mogelijk voor? Instructeur en jurylid Margot Hoeberichts geeft tips. 

Neem ‘het skala van de africhting’ als basis

“Wat ik vaak zie, is dat ruiters, supporters en soms ook trainers niet goed weten wat nou eigenlijk de bedoeling is van de opbouw van de verschillende klassen. Als jurylid heb ik hier regelmatig gesprekken over. Ruiters moeten zich meer verdiepen in hoe de klassen zijn opgebouwd in relatie tot het ‘Skala van de africhting’. Het ‘Skala’ kent namelijk 6 basisprincipes voor het opleiden van je paard, waarmee het uiteindelijke doel ‘durchlassigkeit’ bij je paard is. Het betekent dat jouw paard ontspannen is tijdens het rijden, volledige souplesse toont en alle hulpen goed door laat komen. Jouw paard mag nergens strak, stijf of vast zijn. Dat veel ruiters hier nooit van gehoord hebben, is eigenlijk een mankement in onze scholing.”

Zorg dat de basis altijd op orde is

“In elke klasse moet jouw basis op orde zijn. Dat betekent dat jouw paard in takt – elke pas is even groot en duurt even lang – moet lopen in alle gangen. Daarbij moet er een drang naar voren zijn, die opgewekt wordt door de ruiter, op het protocol zie je dat terug als ‘impuls’. Dit betekent niet dat je alleen maar de baan door moet racen, maar dat je altijd tempocontrole moet hebben. Ook zien we graag dat jouw paard in de aanleuning loopt en souplesse heeft op beide kanten. Dit geldt niet alleen voor de klasse B, maar voor alle klassen. Rijdt je bijvoorbeeld in het L2? Dan moet dit ook voor elkaar zijn in jouw wijken voor de kuit.” 



Onderzoek de achtergrond van de klasse

“Eén van de meest gehoorde opmerkingen van ruiters (en soms trainers) is dat als je een bepaalde oefening kunt, je over kan naar een andere klasse. Daar schrik ik altijd een beetje van, en veel ruiters krijgen dan te maken met tegenvallende resultaten. Dat komt doordat de oefeningen niet het doel zijn, maar een middel voor het verder opleiden van jouw paard. Wanneer je als ruiter bijvoorbeeld naar het M1 wilt en zegt ‘als mijn paard schouderbinnenwaarts kan en de contragalop lukt, dan ga ik over’, dan denk ik vaak ‘niet doen’. Want in het M1 zien we graag onder andere meer gedragenheid bij het paard. Schouderbinnenwaarts is een oefening om die kracht in de achterhand meer te ontwikkelen en je paard te verbeteren. Focus je dus op de ontwikkeling die jouw paard moet doormaken, en niet alleen op de oefening zelf.” 

Met tien winstpunten hóef je niet over

“Als je goed vooruit gaat op wedstrijden, is het leuk om snel door te stromen naar een volgende klasse. En natuurlijk zijn we ook stiekem een beetje trots op onszelf als we over kunnen naar een hogere klasse. Toch adviseer ik ruiters graag om de tijd te nemen voor ze overgaan. Want hoewel we graag met 10 winstpunten overgaan naar een hoger niveau, is dat vaak niet de beste manier. ‘Haastige spoed is zelden goed’ is een spreekwoord dat hier echt van toepassing is. Neem gewoon de tijd om jezelf en jouw paard verder te ontwikkelen. Je hoeft er (meestal) je geld niet mee te verdienen, en het plezier gaat er ook af als de resultaten tegenvallen. Dus neem gewoon lekker de tijd!”

Wees realistisch

”Het ene paard is het andere niet, en de ene ruiter is ook de andere niet. Hoewel ik er van overtuigd ben dat je met elk gezond paard Z1 kan rijden, moeten we wel realistisch naar onszelf én ons paard kijken. Een paard met veel aanleg krijgt nou eenmaal hogere punten voor de gangen dan een paard met minder aanleg. Ook heeft de ene ruiter meer gevoel en zelfkennis dan de andere ruiter. Dus kijk kritisch naar jezelf en naar je paard, zodat je jouw verwachtingen goed afstemt met de doelen die je wilt bereiken. Het helpt ook om dit te overleggen met jouw instructeur of andere mensen om je heen. Vraag ze dan ook kritisch te zijn, maar laat je daardoor niet afremmen. Zorg dat je weet waar je aan moet werken en ga er dan voor. The sky is the limit.”   

Bron: Bitmagazine.nl

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant