-

Paardentermen uitgelegd: Zwanenhals

Arnd Bronkhorst

Er zijn van die termen die je regelmatig hoort, maar waarvan je misschien niet precies weet wat ze betekenen. Iedere maand legt Eddy de Wolff van Westerrode, instructeur en Grand Prix jurylid, zo’n term uit. Deze maand spreken we hem over een zwanenhals.

Een zwanenhals is een exterieurmatig probleem. Het wijkt af van hoe we een ideale bouw van een paard zouden omschrijven. De naam geeft al aan hoe zo’n hals eruitziet: een zwanenhals is langer dan ‘normaal’ en gevormd als de hals van een zwaan. Eddy legt uit: “Bij een zwanenhals is de toplijn eigenlijk te rond. Een van de problemen bij de africhting van een paard met een zwanenhals is dat het paard heel makkelijk rond wordt, te diep inbuigt en met zijn neus richting de borst komt, zonder correcte aanleuning en ruggebruik. De verbinding met de achterhand kan makkelijk verloren gaan. In het ideaalbeeld zijn de oren het hoogste punt en komt de neus niet achter de loodlijn. Bij een zwanenhals ontstaat er snel een verkeerde aanleuning en komt het paard makkelijk achter het bit, doordat de hals te rond en overdreven lang is. Het paard kan zich makkelijk onttrekken aan de teugel en te ver doorbuigen. Een van de valkuilen van de zwanenhals is het makkelijk ontstaan van een zogenaamde valse knik. Net als ieder zoogdier, van muis tot giraffe, heeft een paard zeven halswervels. Er is sprake van een valse knik als de oren niet het hoogste punt zijn, maar de hals bij de derde halswervel inknikt.”

Lang, langer, te lang

“Toch is een lange hals tot op zekere hoogte wel voordelig. “Niet voor niets werd er bij het omvormen van koudbloedachtige paarden tot rijpaarden aandacht besteed aan de lengte van de hals; een erg korte hals zoals je die vroeger bij landbouwpaarden zag, geeft problemen met aanleuning. Net als een zwanenhals wijkt een zogenaamde hertenhals af van de ideale vorm van de hals. Een hertenhals is rechtopstaand gebouwd en wordt hoog gedragen, waardoor problemen kunnen ontstaan met nageeflijkheid. Correct africhten is hierdoor lastig. Een lange hals is in principe dus fijn, maar het houdt een keer op. Een nek als een giraffe, dat is echt te lang.”



Door het oog van de jury

Omdat een zwanenhals geen rijtechnische oorzaak heeft maar om het exterieur gaat, zal de jury zo’n paard niet anders beoordelen. Eddy legt uit: “Als jurylid heb ik in principe niets te maken met het exterieur, maar kijk ik alleen naar de kwaliteit van de africhting. Die zwanenhals opzich komt dus niet op het protocol te staan. Maar als ik een paard met een zwanenhals in de ring zie en hij komt achter de loodlijn of heeft een valse knik, dan zeg ik daar iets van. Ik volg daarmee het reglement en vertaal dat in punten.” Maar hoe rijd je zo’n paard dan toch in een correcte aanleuning? Eddy: “In principe moet je gewoon goed, correct rijden. Daarmee bedoel ik van achteren naar voren, zoals je met ieder paard hoort te doen. Dat geldt eigenlijk altijd. Houd je paard verder goed op lengte en zorg dat hij zijn hals niet opkrult, zodat hij niet achter het bit kruipt.”

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant