-

In-uitjes springen aanvulling op de training

lijntje met in-uitjes springen Arnd Bronkhorst

Lijntjes met in-uitjes springen is niet alleen leuk voor de afwisseling, maar brengt ook vele voordelen met zich mee. Instructrice en allround amazone Marieke ten Elsen geeft tips en uitleg voor een leuke en afwisselende training.

Bouw in-uitjes springen langzaam op

“Vooral met jonge en onervaren paarden  is het belangrijk om eerst laag te beginnen” vertelt Marieke. “Zet het lijntje wat je bedacht hebt uit en leg vervolgens de balken eerst op de grond. Rijd er vervolgens een paar keer in draf en galop overheen, op deze manier went je paard aan de hindernissen en kan je direct controleren of de afstanden kloppen voor jouw paard.”

“Bouw vervolgens langzaamaan het lijntje op door te beginnen aan het begin. Heb je bijvoorbeeld drie in-uitjes achterelkaar? Maak dan eerst van de eerste hindernis een kruisje en laat bij de andere twee hindernissen de balken nog op de grond liggen. Gaat dit goed? Dan kan je van de tweede hindernis ook een kruisje maken. Gevolgd door het opbouwen van de derde als dit ook goed gaat. Met een onervaren paard is het verstandiger om uit draf in te komen, maar met een meer ervaren paard kan je ook rustig vanuit galop het lijntje inkomen.”

Vertrouwen versterken van paard en ruiter

“Om het leuk te houden voor paard en ruiter, maar ook het vertrouwen te verbeteren, kun je paard een beetje helpen. Bijvoorbeeld door naast de hindernis een balk op de grond te leggen, of schuin tegen de hindernis aan te plaatsen. Hiermee voorkom je dat het paard uitbreekt en hoeft de ruiter zo min mogelijk te corrigeren aan de voorkant.”

Marieke: “Het mooiste is om drie tot vier hindernissen achter elkaar te bouwen. Op deze manier raakt het paard ook direct gewend aan een lijntje met veel ‘hout’. Vaak zie je op springwedstrijden dat de meeste problemen ontstaan in dubbelsprongen en later driesprongen. Dit kan komen doordat het paard dan een beetje overdonderd wordt door de hoeveelheid balken achter elkaar. Door thuis al veel met lijntjes te werken krijgt zowel het paard als ruiter meer vertrouwen in combinatiesprongen.”

Zwaar maar nuttig

“Lijntjes die voor een deel bestaan uit in-uitjes kosten veel kracht voor het paard. Doe dit dan maximaal twee keer per week. Vooral met jonge paarden is tien minuutjes in-uitjes springen meer dan zat. Ook is het belangrijk om rekening te houden met geplande wedstrijden. Heb je in het weekend een wedstrijd? Oefen dan alleen met zware lijntjes aan het begin van de week, dit voorkomt dat het paard spierpijn heeft op de dag van de wedstrijd.”

“In-uitjes en lijntjes kunnen voor verschillende doeleinden gebruikt worden. Ze kunnen bijvoorbeeld gebruikt worden om de kracht en springtechniek van het paard te verbeteren. Ook leren paarden die graag hard gaan om af te remmen, ontstaat er meer controle en leren de paarden op te letten. Daarnaast komt de afstand vanzelf wel goed, dus de ruiter kan zich goed concentreren op haar of zijn eigen houding tijdens het springen.”

“Extra balken op de grond leggen tussen de in-uitjes en volgende sprong van het lijntje kunnen helpen om het paard af te remmen en beter bij de komende sprong te laten komen.”

Afstanden tussen de sprongen

“Over het algemeen is de afstand tussen de in-uitjes drie meter als je inkomt vanuit draf voor een paard. Kom je vanuit galop in? Dan moet de afstand waarschijnlijk een klein beetje groter tussen de in-uitjes. De perfecte afstand kun je vinden door de balken op de grond te leggen en dan over het lijntje te galopperen, dan kan je direct voelen en zien of het lekker uitkomt en met de afstanden gaan spelen.”

Voorbeeld van een lijntje waarbij je inkomt vanuit draf

“Maak de afstanden niet te ruim, het is namelijk belangrijk dat het paard er simpel, rustig en makkelijk doorheen kan lopen. Het paard moet echt plezier krijgen in springen van lijntjes.”

“Voor een grote pony kan vaak de ruimte tussen de balk en de in-uitjes hetzelfde blijven. Wel moet de afstand naar de laatste hindernis aangepast worden. Zeven meter voor twee galopsprongen, als er wordt ingekomen in draf of acht meter als er wordt ingekomen in galop.”

Oefen niet alleen

“Ga niet alleen aan de slag met het oefenen van de lijntjes, maar zorg dat er altijd iemand bij is. Niet alleen voor je eigen veiligheid, maar ook om te helpen met kijken en bouwen. Iemand vanaf de grond kan namelijk kijken of de lijn mooi loopt, hindernissen opbouwen en af en toe een video maken. Het is namelijk erg belangrijk om geregeld gefilmd te worden, zodat je zelf kan terugzien hoe het gaat en wat er misschien mis gaat of verbetert kan worden.”

“Met lijntjes en in-uitjes kun je zoveel variëren als je wilt. Wel is het voor een onervaren paard vriendelijker om te beginnen met in-uitjes gevolgd door een hindernis op één of twee galopsprongen daarna. Bij een meer ervaren paard kan je ook de in-uitjes naar achteren verplaatsen in de lijn, dit verhoogt de moeilijkheid. Succes!”

Bron: Bitmagazine.nl

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant