-

Hoe train je een voltigepaard?

Arnd Bronkhorst

Bij voltige voer je – alleen of in teamverband – acrobatische oefeningen uit op een bewegend paard. Nienke de Wolff van DeWolff Vaultinghorses traint voltigepaarden. Ze vertelt waar een voltigepaard eigenlijk allemaal aan moet voldoen en hoe je een voltigepaard traint.

Het samenspel tussen mentaal en fysiek vindt Nienke de Wolff het leukste aan het trainen van een voltigepaard. “Je leert een paard echt wat nieuws en dat schept een band. Je moet elkaar kunnen lezen en vertrouwen. De paarden die bij ons op stal komen, kennen geen voltige. Het traject, dat het paard voltige gaat ontdekken en het leuk vindt, vind ik weer leuk!”

Wist je dat…

  • Wist je dat het redelijk normaal is om bij voltige op het paard van een ander te starten?
  • Wist je dat veel mensen denken dat voltigepaarden 7 dagen in de week aan de longe op de volte lopen? Dit klopt niet!
  • Wist je dat een voltigepaard 6 minuten aaneengesloten moet kunnen galopperen met een voltigeur op de rug tijdens een wedstrijd? Dit is langer dan je denkt!
  • Wist je dat een voltigepaard minimaal 7 jaar oud moet zijn? Dit is ouder dan dressuur- en springpaarden.

Waar moet een voltigepaard aan voldoen?

“Dit verschilt per niveau, maar in de basis moet een paard heel braaf zijn en makkelijk en eenvoudig galopperen”, legt Nienke uit. “Een paard moet vooral fysiek fit zijn en een goed fundament hebben. Als je kijkt naar de topsport lijkt een voltigepaard op een dressuurpaard. Het paard moet een goede drietakt galop hebben met veel impuls vanuit het achterbeen. Verder moet het paard braaf, nuchter en los door het lijf bewegen.” Nienke vertelt dat de meeste voltigepaarden een stokmaat hebben rond de 1.75 – 1.85 m. Het zijn dus grote paarden met veel body.

Nienke: “Driekwart van de voltigepaarden is ruin. Dit komt omdat ruinen meestal stabieler zijn dan merries. Merries zijn sneller sensibel en hebben gauw last van hormonen. Hengsten zie je bijna niet in de voltigesport.” Qua leeftijd is een voltigepaard altijd zeven jaar of ouder. Vanaf dan mogen de paarden meelopen in de wedstrijden. “Omdat we bij voltige veel gebruik maken van grote, robuuste paarden moet het paard de tijd krijgen om goed uit te groeien”, legt Nienke uit. Ook zie je relatief veel oudere paarden, voltigepaarden kunnen makkelijk 20+ zijn.

Bij voltigepaarden moet je er extra goed opletten dat ze vanuit zichzelf fijn kunnen galopperen legt Nienke uit. “Ook moet het gevoel goed zijn. Het paard moet voor je willen werken en je vertrouwen geven. Verder krijgt elk paard een kans! In de voltige maakt kleur niet uit, een goed paard heeft geen kleur.”

Je weet verder natuurlijk nooit hoe een paard zich ontwikkeld als je het traint. Als een paard toch niet geschikt blijkt te zijn, als het dier het fysiek niet aankan of geen plezier heeft aan het werk, is het vaak nog wel geschikt voor de basissport dressuur of springen.



‘Een goed paard heeft geen kleur’

Nieuwe carrière

Je hoort wel eens dat een paard dat een carrière had als dressuur- of springpaard, daarna de voltige in gaat. “Wij worden daar heel blij van. Paarden die net niet goed genoeg zijn voor de topdressuur- of springsport zijn meestal wel geschikt als voltigepaard. “Paarden leven echt op, omdat ze iets doen wat ze wel aankunnen. Ze gaan dan vaak voor ons door het vuur. Dat is een mooie beloning”, voegt Nienke eraan toe. “Hoe fitter een paard is, hoe makkelijker hij de voltigesport kan oppakken.”

voltige

Training van een voltigepaard

Bij het trainen van een voltigepaard begin je met longeren. “Diegene die longeert, noem je longeur. Het paard moet de hulpen van de longeur begrijpen. Als het paard ontspannen aan de longeerlijn loopt, dan gaat er vanuit stilstand een voltigeur op. Deze zwaait met de armen en benen en gaat op de billen van het paard zitten”, vertelt Nienke. “Als dat goed gaat wordt hetzelfde herhaald in draf en later in galop. Het paard moet leren vertrouwen op de longeur en de voltigeur.”

Voltigepaarden worden niet alleen aan de longeerlijn getraind, maar ook onder het zadel. “Het belangrijkste dat je een voltigepaard aanleert onder het zadel is dat het op eigen benen kan galopperen. Ook moet het horizontaal in evenwicht blijven en core stability creëren”, legt Nienke uit. Eigenlijk moet het dier dus eenvoudig correct lopen. Om dit voor elkaar te krijgen doen ruiters veel galoptraining. “We galopperen veel buiten en oefenen de zijgangen. Natuurlijk doen we ook veel drafwerk! Dat deel is echt te vergelijken met de training van een dressuur- of springpaard. Daarnaast rijden we zo veelzijdig mogelijk en werken we aan de conditie van de paarden.” Een paard moet volgens Nienke 10 minuten lang kunnen galopperen in de goede houding. Dit wordt getraind door de trainingen steeds iets uit te breiden.

Het grootste verschil met een training van een ander sportpaard is het niveau. “Onze paarden worden qua niveau minder hoog getraind. L-dressuur is voor de basisvoltigesport prima. Een paard moet daarnaast niet té los en té veel souplesse hebben, stabiliteit en een losse rug zijn belangrijk”, legt Nienke uit.

Als laatste is het ook belangrijk dat een paard de eenzijdige belasting aan kan. “Met eenzijdige belasting bedoel ik het trainen op de volte. Op wedstrijd moet een paard constant op de volte lopen. Met rijden kun je dit veel vaker afwisselen”, vertelt Nienke. Als een paard fit genoeg is en goed is getraind zorgt dit gelukkig niet voor problemen.

Toekomst van de voltigesport

Hoe ziet Nienke de toekomst van de voltigesport? “Helaas is voltige op topsportniveau nog niet heel erg professioneel. Er wordt maar weinig geld verdiend en geïnvesteerd. Uit dat cirkeltje kom je bijna niet.” Doordat het voltigewereldje wat kleiner is, is het volgens Nienke wel leuker. “De mensen in de voltigewereld hebben echt intrinsieke motivatie om te doen wat ze leuk vinden.” Nienke ziet dat er langzaam steeds meer geld beschikbaar komt voor het trainen van paarden en opleiden van voltigeurs. Ze verwacht dat de sport in de toekomst zeker gaat groeien. “De sport heeft absoluut potentie en wordt gelukkig steeds bekender.”


Fotografie: RM Photography

Over Nienke
Nienke de Wolff voltigeert al haar hele leven. Ze heeft ooit de overstap gemaakt naar het longeren en coachen, omdat ze het leuker vindt om met het paard te werken. Nienke merkte dat er veel vraag was naar voltigepaarden, maar dit aanbod erg klein is. Met haar bedrijf leidt ze voltigepaarden op, waarna ze deze verkoopt. Ook is dit hippisch centrum thuisbasis voor een heel aantal voltigeurs. Daarnaast geeft Nienke houding- en zitles, begeleidt ze dressuurruiters en geeft ze ruiterfitness. Op wedstrijden longeert ze nog steeds de voltigepaarden.

Bron: Bitmagazine.nl

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!