-

De Zitcompetitie, het protocol besproken

Arnd Bronkhorst

De Zitcompetitie is een wedstrijd speciaal voor manegeruiters. De wedstrijd, georganiseerd door KNHS/FNRS, wordt door heel Nederland gehouden. Van iedere manege mogen de beste ruiters meedoen aan de regiofinales. De finale vindt ieder jaar plaats op Horse Event. Jurylid Tessa Blom licht de onderdelen van het protocol toe, zodat je precies weet wat je wel en niet moet doen. 

Onafhankelijke zit van de ruiter

Tessa legt uit wat belangrijk is aan houding en zit. “Een soepele en ongedwongen zit is de basis van het rijden en is de basis van elke prestatie van het paard. Als je netjes ontspannen rechtop zit, dan zou je bij volledig ontspannen spieren je beide zitbeenknobbels in het zadel moeten voelen. Je zit op het diepste punt van je zadel. Je zitvlak beweegt in alle gangen van achter naar voren soepel mee. Je kruis moet je aanspannen, maar mag niet verkrampt zijn. De inwerking van het kruis is heel belangrijk en wordt door veel ruiters onderschat. Met je kruis wordt door middel van elastisch veren de schokken van je paard opgevangen. Alleen dan kan er een samenspel zijn tussen je been-en teugelhulpen.”

Kenmerken van een goede houding en onafhankelijke zit:



  • Op je billen midden in het zadel zitten.
  • Recht in het zadel zitten zonder spanning in je bovenlichaam.
  • Houd de lijn schouders, heupen, hakken aan.
  • Kijk naar voren en niet naar beneden. Dan gaan je schouders voor je heupen staan. Je blik is over het hoofd van je paard heen gericht.
  • Beweeg soepel met je paard mee.
  • Blijf altijd in evenwicht zitten. Hang dus niet op zij, achterover of voorover.
  • Ontspan je schouders en houd deze iets naar achteren.
  • Houd je nek en hoofd rechtop.
  • Je bovenarmen hangen netjes langs je lichaam naar beneden.

De balans van de ruiter & het ontspannen meegaan met de bewegingen van het paard

Naast dat je voor het oog mooi moet zitten, is ontspanning ook belangrijk. “Voor een goede zit is het belangrijk dat je ontspannen bent in elk ritme van je paard. Ontspannen zijn is hiermee ook de eerste voorwaarde om in balans op je paard te zitten. Je zit in balans als je in staat bent om je aan alle bewegingen van je paard aan te passen. Je bent daarbij in staat je kruis aan te trekken als dat nodig is. Het paard moet daarbij niet gehinderd in zijn beweging worden. Ten opzichte van het paard zit je dus ontspannen stil. Daarbij volg je wel met beide handen de beweging van de paardenmond. Je gaat dus mee met de beweging welke het paard van nature maakt met zijn hoofd en hals. Dus geen dansende handen, maar wel een volgende hand.”

Beenligging en juistheid der beenhulpen van de ruiter

De beenligging is vaak een van de eerste dingen die opvallen wanneer je naar een ruiter kijkt, Tessa legt uit: “De beenhulpen zijn belangrijk bij het opwekken en onderhouden van impuls. Om voorwaarts te gaan drijf je met je benen, bij voorkeur licht inwerkend, tegen je paard. Daarbij sta je met je handen toe dat je paard voorwaarts gaat. Beenhulpen kan je voorwaarts drijvend gebruiken, maar ook voorwaarts-zijwaartsdrijvend en begrenzend gebruiken.”

Kenmerken voor een goede beenligging:

  • De benen hangen losjes naar beneden.
  • De knie ligt losjes tegen het zadel, ga absoluut niet knijpen.
  • Bij een juiste stijgbeugellengte ligt de knie licht gebogen aangesloten tegen het zadel.
  • De stijgbeugel zit onder de bal van je voet.
  • De hakken druk je lichtjes uit zodat deze het laagste punt zijn. Het is niet de bedoeling dat je hierbij kramp in je enkel gaat voelen, dan druk je je hakken teveel uit.
  • Probeer je benen te ontspannen, dus niet knijpen tegen de buik van je paard.
  • Kijk goed naar de lengte van je stijgbeugels; wanneer ze te lang zijn, ga je op je tenen staan en zijn ze te kort dan is je knie te veel gebogen en kom je te hoog uit het zadel met lichtrijden waardoor je weer problemen met je balans krijgt.

Handhouding en juistheid der teugelhulpen van de ruiter

De handhouding wordt ook beoordeeld door de jury, Tessa vertelt: “De schouders moeten volkomen ontspannen zijn. Een veel voorkomende fout is dat ruiters hun schouders optrekken waardoor het bovenlichaam, de armen en het kruis stijf worden, wat een soepele zit in de weg zit. Ook het aandrukken van de ellebogen in de zij heeft tot gevolg dat je de schouders optrekt. Ook het afsteken van de ellebogen beïnvloed de houding en zit. Je maakt hiermee je rug bol waardoor je voorover gaat zitten en dan heb je weer minder balans op je paard. Je sluit je handen ongedwongen tot een vuist. Je houdt je handen loodrecht waarbij de duimen het hoogste punt zijn.”

Kenmerken voor een goede arm en houdhouding:

  • Rijd met je teugels in twee handen.
  • Doe de teugels in je vuist en laat de teugel tussen je ringvinger en pink doorlopen.
  • Je duim ligt als een dakje boven op je teugel.
  • Er wordt zo voor gezorgd dat de teugel op twee manieren niet door je handen kan glijden (door het dakje van je duim en door de positie van de teugel tussen je ringvinger en pink).
  • De polsen zijn een beetje (naar buiten) gebogen.

Algemene indruk

Een toch wat vaag begrip is de algemene indruk, wat betekent dat precies? Tessa vertelt: “De algemene indruk gaat over je hele proef inclusief je houding en zit. Hoe zijn nu alle onderdelen van je proef verlopen, hoe rijvaardig ben je? Ben je in staat problemen tijdens je proef op te lossen? Hoe reageer je als er een onderdeel van je proef mislukt? Meestal komt het er hierop neer dat de jury bekijkt wat het gemiddelde cijfer per onderdeel van je proef is en dat cijfer krijg je bij de algemene indruk.”

Bron: Bitmagazine.nl

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant