-

Angst op buitenrit: hoe pak je dit aan?

Arnd Bronkhorst

Paardrijden doen we voor ons plezier. Het liefst gaan we zonder angst op buitenrit. Het hoort namelijk hartstikke leuk te zijn om op buitenrit te gaan met je paard. Als je bang bent, kan dit jouw plezier in de weg zitten. Angst kan zich op veel manieren ontwikkelen. Vaak heeft dit ook een wisselwerking op het paard. Op het moment dat de ruiter bang is, gaat het paard ook anders reageren.
Linda Hofman helpt ruiters om hun angsten te overwinnen en weer met plezier naar buiten te gaan. Ze geeft een paar tips die je op weg kunnen helpen.

Vanaf de grond

“Ik begin altijd met grondwerk. Om zo het vertrouwen tussen paard en ruiter weer op te bouwen. Als je vanaf de grond niets te vertellen hebt, dan hoef je er ook niet op te gaan zitten. Het begint al vanaf het moment dat je je paard uit de wei haalt. Hier laat je zien dat jij de leider bent en geef je het paard het vertrouwen om je te volgen. Je zorgt dat je paard jou begrijpt en dat je samen tot een overeenstemming bent gekomen wie de leider is.”

Controle op buitenrit

“Ruiters die bang zijn, hebben het gevoel dat ze geen controle hebben. Ik leer mijn studenten een paar oefeningen aan, waardoor ze de controle weer terug kunnen krijgen in iedere situatie. Zo hebben ze altijd iets achter de hand, wat ze ook weer zekerder maakt. Je kan een van deze oefeningen gebruiken als jouw paard toch gespannen raakt. Ruiters weten hierdoor wat ze kunnen doen om het paard en zichzelf weer tot rust te brengen. Ik raad aan om met deze oefeningen te beginnen in een afgesloten omgeving, bijvoorbeeld in een rijbaan of paddock. Het is een kwestie van veel oefenen en daarna proberen om stapsgewijs weer naar buiten te gaan”, vertelt Linda Hofman. Hieronder staan de oefeningen uitgelegd die jou kunnen helpen om je angst te overwinnen.

Bend to stop

“Een van de oefeningen die ik mijn leerlingen aanleer, is de ‘Bend to stop’. Dressuurmatig is dit geen goede oefening, maar het is wel een oefening waarbij het paard zichzelf kalmeert. Bij deze beweging wordt namelijk een seintje naar het brein gestuurd die kalmerend werkt. Bij de ‘Bend to stop’ vragen we buiging in het hoofd en hals, en sturen we de achterhand weg. Het paard maakt een kleine volte om jou heen. Hierbij kruist het binnen achterbeen voor het buiten achterbeen langs. Je paard staat dan met gekruiste achterbenen, en kan niet bokken, steigeren of wegspringen. We laten het paard net zo lang ronddraaien om de cirkel totdat zijn aandacht weer op jou is gericht. Op dat moment stop je met de drijvende hulp en laat je het paard doorstappen totdat hij zijn eigen stop en rust vindt. Over het algemeen reageren paarden heel kalmerend op deze oefening.”

Leiden vanuit voorste leidpositie

“Bij deze oefening loop jij als leider voor je paard uit, en je paard loopt achter je aan. Haalt je paard je in? Dan maak je een rechtsomkeert, waarbij je zorgt dat je paard de buitenbocht neemt. Je loopt dus gewoon de andere kant op. Komt je paard je weer inhalen? Dan draai je opnieuw om. Daarmee laat je aan je paard zien dat jij diegene bent die de richting en snelheid bepaald. Bij deze oefening is het belangrijk dat je goed om je heen kijkt, rustig ademhaalt en niet te hoog in je energie gaat zitten.”

Ademhalingsoefeningen

Een beheerste ademhaling helpt je ontspannen. “Voor een ruiter kan het dus fijn zijn om ademhalingsoefeningen te doen. Een voorbeeld hiervan is te zorgen dat je langer uitademt dan inademt. Je ademt vier tellen in, en vervolgens adem je 8 tellen uit. Inademen zorgt namelijk voor adrenaline en spanning. Uitademen daarentegen zorgt juist voor ontspanning. Je kunt jezelf ontspannen door langer uit te ademen dan in te ademen. Een andere ademhalingsoefening is het dichtknijpen van een neusgat. Waardoor je ademhaalt door één neusgat. Ook deze oefening raad ik aan als je angstig of gespannen bent. Het zorgt ervoor dat je kalmer wordt”, aldus Linda Hofman.



Oefenen

“Met mijn studenten loop ik altijd mee als ze voor het eerst weer naar buiten gaan. Ik loop ernaast met een leadrope of een longeerlijn. Als er dan spanning en paniek ontstaat, kan ik altijd ingrijpen. Vraag dus eens aan een instructrice of stalgenootje of ze met jou mee willen gaan. Daarbij is het wel heel belangrijk dat jouw begeleider het paard niet te dicht bij het bit of de teugel pakt. Het touw moet altijd gebogen hangen. Hoe meer je paarden gaat opsluiten en controleren, hoe angstiger ze worden. Geef het paard juist het vertrouwen dat hij het zelf kan.”

Bron: Bitmagazine.nl

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!