-

Het afscheid van Suiker

Maria Berghuizen

Je paard, je maatje, je ‘alles’… En dan is hij niet meer. Hoe ga je verder, maar ook: hoe kijk je terug op jullie tijd samen? Maria Berghuizen verzorgde een lange tijd de Arabier; Suiker. Samen gingen ze graag wandelen en bouwden een speciale band op. Helaas was de sfeer op de stal van Suiker erg slecht en nam Maria de moeilijke beslissing hem achter te laten. Toen ze genoeg gespaard had om hem te kopen, wilde ze teruggaan naar de stal. Maar diezelfde avond kreeg ze verschrikkelijk nieuws. Suiker was overleden.

“Mijn beste vriendin kocht haar paard bij de fokkers van Suiker. Zo kwam Suiker dan ook in mijn leven. Ik wilde graag weer een paard verzorgen en Suiker kon wel wat aandacht en liefde gebruiken. Sindsdien waren we onafscheidelijk en hebben we samen veel avonturen meegemaakt en nieuwe mensen en dieren leren kennen. Het liefst gingen we samen wandelen. Vaak maakten we wandelingen van zo’n twee tot drie uur. Suiker was super verkeersmak. We liepen samen door Amsterdam, maar ook door de bossen. Vaak liep hij gewoon los mee. Ook naast de fiets liep hij braaf mee, daarom gingen we ook regelmatig een stukje fietsen.”

Suiker
2009 tot 2018

Verzorgster: Maria Berghuizen (1997)
Ras: Arabier
Kleur: Vos

Suiker was introvert, maar ook erg dominant.

Trauma

“Ik heb Suiker zelf proberen opnieuw in te rijden. Dit ging met veel ups en downs. Hij was erg getraumatiseerd door eerdere ervaringen, waardoor hij steeds opnieuw ruiters er af wierp. Het was dus een hele opgave om hem alles te leren. Ik probeerde elk stapje een positieve ervaring te maken. Het kostte veel tijd, maar we groeiden langzaam. Maar Suiker was erg introvert, hij bouwde veel spanning op en dan opeens liet hij alles in één keer los. Op een dag kreeg ik te horen van mijn ouders dat we Suiker gingen huren. Ik was zo blij. Ik hoefde nu niet langer bang te zijn dat Suiker verkocht zou worden. Zolang wij hem huurden, zou dit niet gebeuren. Op deze manier kregen Suiker en ik de kans ons te bewijzen dat hij wel te berijden viel en daarbij dus voor ons een goede aanschaf zou zijn. Ik ben een aantal keren van hem afgevallen, één keer zo hard dat ik van mijn ouders niet meer op hem mocht rijden. Ze waren bang dat ik gewond zou raken. De kans dat Suiker ooit helemaal zou ontspannen onder het zadel was erg klein, dus ik besloot mijn doelen bij te stellen. Het moest voor ons beiden leuk blijven. 

Verzorgen

“Ik ging zo vaak mogelijk naar stal. Ik zorgde ervoor dat Suiker alles kreeg wat hij nodig had. Ik ging regelmatig zelf naar de winkel om extra vlas te halen, kocht zelf voer voor hem en hing vaak een extra hooinet voor hem op. Ook zorgde ik ervoor dat ik zo veel mogelijk bij hem kon zijn. Daarnaast had ik een geweldig stalgenootje, Jorinde. Haar paard was de beste vriend van Suiker en we gingen regelmatig samen wandelen, we zijn zelfs een keer naar een terrasje geweest met de paardjes. We zorgden ook voor elkaars paarden. Als één van ons een keer niet kon, werden de paarden op deze manier toch goed verzorgd. Maar na een tijd moest ik een erg moeilijke beslissing nemen. Ondanks al mijn inspanningen bleek Suiker, ook bij mij, niet berijdbaar. Daarbij werd de sfeer op stal steeds slechter en ik besloot afscheid te nemen van Suiker. Het was een troosteloze situatie en ik kon zo niet verder. Ik kon Suiker helaas niet met mij meenemen. Ik had samen met mijn ouders besloten om geen paard te kopen waar ik nooit op zou kunnen rijden.”

Sparen

“Achteraf was dit een domme beslissing. Suiker was geweldig en onvervangbaar. Maar op dat moment dacht ik dat ik de juiste beslissing maakte. Ik stuurde zijn eigenaar nog een aantal mooie foto’s van hem. Deze kon hij gebruiken bij de verkoop van Suiker. Ik hoopte zo dat hij verkocht zou worden aan een fijne nieuwe eigenaar die eerlijk en respectvol met hem om zou gaan. Ik heb de fokkers nog een aantal keer een berichtje gestuurd om te vragen hoe het met hem ging, maar ik kreeg hier nauwelijks tot geen reactie op. Langs gaan durfde ik niet. Het deed mij te veel pijn en ik was bang. Toen ik Suiker niet meer kon zien, begon ik mij schuldig te voelen dat ik  hem achter te hebben gelaten. Ik besloot hem alsnog te willen kopen, niet om te berijden maar om hem een prettig leven te gunnen, als bijvoorbeeld weidemaatje. Pas toen ik genoeg gespaard had en wist dat ik hem kon meenemen, durfde ik weer langs te gaan.”

Berichtje

“Ik stuurde een berichtje naar een stalgenootje en vroeg haar of ik met haar mee kon naar stal. Ik kreeg geen antwoord en besloot even te wachten tot ik iets van haar hoorde. Maar die avond hadden mijn ouders slecht nieuws voor mij. Suiker was dood. Dit was de reden dat mijn stalgenootje niet had geantwoord. Ze wist niet wat ze moest zeggen en had het aan mijn ouders verteld. Het enige wat op dat moment door mij heen ging was dat ik zelf ook dood wilde. Ik haatte mezelf dat ik niet eerder was langsgegaan. Ik had gefaald en was vreselijk boos op mezelf. Het voelde alsof het mijn schuld was. Het voelde alsof ik Suiker van zijn leven beroofd had. Toen ik genoeg gespaard had en een plekje voor hem geregeld had, was ik er zo vanuit gegaan dat we voor de rest van ons leven samen zouden zijn dat ik me niet voor kon stellen dat hij er niet meer was. Gelukkig kreeg ik veel steun van mijn ouders en zijn zij het hele weekend bij mij gebleven. Ook hebben mijn vrienden mij zo goed mogelijk proberen te ondersteunen in de situatie. Ik werd die dagen heel vaak gebeld door iemand om te vragen hoe het met mij ging, dat hielp mij wel.”

Gemis

“Ik heb de eigenaren van Suiker nooit meer gesproken. Ik weet niet eens of zij inmiddels weten dat ik heb gehoord dat Suiker is overleden. Ik heb ze verwijderd van Facebook en wil eigenlijk niets meer met hen te maken hebben. Ik ben bang dat ik wanneer ik ze zie, ik het hen verwijt dat Suiker nu dood is. Ik denk dat ik mezelf dan niet kan beheersen. Ik mis Suiker nog te veel en zal dit ook altijd blijven doen. Ik mis het om samen met hem te wandelen. Ik mis zijn gehinnik. Vooral wanneer ik op stal kwam en niet direct naar hem toe kwam, hij kon dan heel verontwaardigd hinniken. Hij was heel bijzonder. Zo afstandelijk, schrikkerig en dominant naar vreemden. Maar wanneer je tot hem doordrong, gaf hij je al zijn vertrouwen, hij was m’n beste vriend.”

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant