-

Groeten uit… Andalusië

“Daar liep ik dan, om één uur ’s nachts, met een pas gecastreerde hengst door de Spaanse bergen. Onverlicht, met enkel een riem als halstertouw. Toen dacht ik echt: mijn God, waar ben ik eigenlijk mee bezig? Als er nu wat gebeurt, dan kan ik gillen wat ik wil, maar niemand hoort me…” Bit-lezer Réni Rijkhoff werkte acht maanden op een Spaanse finca nadat ze stopte met haar studie Voeding & Diëtetiek.

Réni Rijkhoff was zeventien toen ze voor het eerst naar het buitenland op vakantie ging. “Samen met een vriendin reisde ik naar Andalusië, naar een Spaanse finca: Los Olivillos Mountain Retreat. Ik vond het zo fantastisch dat ik drie keer ben teruggegaan. Daarna heb ik altijd gezegd: als ik nog een keer naar het buitenland ga, dan wil ik daar gaan werken.”

Droom

“Ik deed de opleiding Paardenhouderij, en daarna ben ik Voeding & Diëtetiek gaan doen, maar dit sloot niet aan op wat ik wilde. Ik ben toen gestopt met die studie en heb een mailtje gestuurd naar Los Olivillos of ze nog hulp zochten voor de zomer, want ik wilde er echt even tussenuit. In eerste instantie kreeg ik een ‘nee’ te horen, maar even daarna kreeg ik toch nog een mail waarin ze aangaven dat ik in januari kon beginnen.”

“Dat kwam voor mij perfect uit. Ik was dus gestopt met mijn studie en toevallig werd mijn contract niet verlengd en had ik dus geen baan meer. De ruimte was er om er even tussenuit te gaan. De enige drempel was dat ik mijn eigen pony moest verkopen, maar dit was al zo lang mijn droom dat ik er gewoon voor besloot te gaan. Op Tweede Kerstdag 2014 heb ik mijn spullen gepakt en ben ik op het vliegtuig gestapt.”

‘Op Tweede Kerstdag 2014 heb ik mijn spullen gepakt en ben ik op het vliegtuig gestapt’

Réni en haar collega’s maakte erg lange dagen. “’s Ochtends begonnen we met het voeren en verzorgen van de paarden. Daarna zadelden we de paarden die mee gingen, ontbeten we snel en dan gingen we de bergen in om een rit te maken met de gasten, vaak duurde dat een uur of drie. ’s Middags, als we terugkwamen, verzorgden we de paarden en serveerden we de lunch voor de gasten. Daarna was het tijd voor kleine klussen: het erf aanvegen, zadels opruimen. Om twee uur was het siësta, dan sliep ik meestal.”

“Na de siësta pakten we de zaken op die nog lagen. Denk aan de tuin bijhouden of de huisjes schoonmaken als de gasten waren vertrokken. ’s Avonds serveerden we het avondeten en zaten we bij de gasten voor een praatje. Daarna zaten we nog een paar uur buiten om te kletsen met de gasten totdat zij naar bed gingen. Dat waren dus echt vreselijk lange dagen, van half negen tot vaak een uur of twaalf, zeven dagen in de week.”

Toch was Réni gelukkig. “Het klinkt misschien raar: ik had niets van mijzelf meer, deelde een huisje met een collega, verdiende vrijwel niets, maar toch stond ik iedere ochtend happy op. Ik genoot van de dagen, had geen stress. Dat hele materialistische wat je in Nederland vaak terugziet is daar helemaal niet. Dat vond ik zo’n verademing! Dat je gewoon blij kon zijn met de kleine dingen. Genieten van het mooie weer, een lekker ritje, of leuke mensen die je ontmoet. Simpele dingen. Dit probeer ik ook nu in Nederland vast te houden.”

Riem als halstertouw

Réni en Nina

“Het meest bizarre wat ik heb meegemaakt in die acht maanden was toen we een keer terugkwamen van een Spaanse Feria”, peinst Réni. “Een Feria is een groot feest ten ere van een god waarbij er activiteiten met paarden georganiseerd worden. Van het dorp naar het bedrijf was ongeveer een half uurtje rijden, en we zaten dus ’s avonds laat in de auto om terug te gaan toen we halverwege plotseling een buurjongen zagen staan. Hij vertelde ons dat een van onze paarden midden in de bergen losliep. Het bleek te gaan om een net gecastreerde hengst die alleen in een paddock had gestaan.”

“Hij liet ons weten waar we het paard konden vinden, en toen wij aankwamen op de top van de berg stond daar een andere buurjongen met zijn riem aan het halster van de net gecastreerde hengst. Het paard was dus gewoon de paddock uitgebroken en had vrolijk drie kwartier door de bergen gestruind.”

“Toen ben ik uit de auto gestapt en is mijn collega teruggereden naar het bedrijf om spullen voor hem te pakken. Ik ben toen alleen met dat paard om één uur ’s nachts, in het donker, in de bergen waar niemand woont, waar geen verlichting is, teruggelopen naar het bedrijf. Ik deed er ongeveer drie kwartier over en kwam van alles tegen, zelfs een paar wilde zwijnen. Dat was echt een belevenis. Zoiets is ondenkbaar in Nederland!”

‘Ik ben toen alleen met dat paard om één uur ’s nachts, in het donker, in de bergen waar niemand woont, waar geen verlichting is, teruggelopen naar het bedrijf’

Nina en Marie Louisa

Réni en Marie Louisa

“Twee paarden zal ik nooit vergeten uit die tijd. De kleine witte Nina was er al toen ik kwam werken. Niemand vond haar leuk en daarom ging ze niet vaak mee op rit, waardoor ze flink wat overgewicht had. Maar ik had gewoon iets met haar. Dus ik begon haar elke ochtend te longeren om te kijken of ik haar een beetje in conditie kon krijgen.”

“Uiteindelijk viel ze best wel netjes af en nam ik haar gewoon mee met ritten. Iedereen had daar wel een mening over. Nina is traag, Nina is geen leidpaard… Maar ik dacht: dat zullen we nog wel eens zien. Dus ik nam haar gewoon mee als leidpaard, en dat deed ze heel netjes! Omdat niemand haar mocht kon ik haar altijd meenemen, wat voor mij natuurlijk heel fijn was.”

“Ongeveer op de helft van mijn periode daar kwam er een nieuw paard, Marie Louisa. Zij had twee jaar stilgestaan dus ook met haar begon ik met longeren, tijdschema’s bijhouden, conditie opbouwen. Rustig beginnen, wat ritjes in de bergen, tot ze uiteindelijk fit genoeg was om mee te gaan met de grote ritten. Het was heel leuk om te zien hoe ze groeide en zich ontwikkelde.”

Sollicitatie via Skype

“Ik zou een jaar blijven werken bij Los Olivillos, maar uiteindelijk zijn echt acht maanden geworden. Ik merkte namelijk de lange dagen en het gebrek aan vrije tijd me behoorlijk op begonnen te breken. Daarnaast werd ik vijftig euro per week uitbetaald, wel met kost en inwoning, maar in verhouding is dat natuurlijk niets. Op dat moment belde een vriendin van mij.”

“Zij liep stage bij het bedrijf waar ik nu werk, en gaf aan dat er een interessante vacature vrijkwam. Die kans greep ik met beide handen aan en ik heb via Skype gesolliciteerd. Toen ik werd aangenomen besloot ik dat dit zo’n unieke kans was voor mijn carrière dat ik het gewoon moest doen. Vervolgens heb ik de Spaanse bergen achter me gelaten en ben ik weer teruggegaan naar Nederland. Maar ik heb nog steeds af en toe heimwee naar het prachtige Spanje hoor. Ik zou het zonder aarzelen zo weer doen.”

Bron: Bitmagazine.nl

Ben jij ook Nederland ontvlucht na je studie om tijdelijk met paarden te werken? Laat het ons weten! Stuur een mail met kort jouw verhaal naar bit@eisma.nl en wie weet is jouw verhaal binnenkort te lezen in “Groeten uit…”