-

Zo vorm je een band met je nieuwe paard

Paula da Silva

Veel mensen kopen een paard met een overduidelijk – sportief – doel voor ogen, wat men natuurlijk het allerliefste zo snel mogelijk wilt bereiken. Soms maak je met je gloednieuw paard razendsnel stappen in de juiste richting, waarna het toch ineens mis gaat. Hoe zorg je ervoor dat je verwachtingen niet te hoog worden? En hoe schep je een ijzersterke band met je nieuwe paard? Sandra Poppema van (clicker)trainingplatform HippoLogic helpt je op weg.

“Iedere ruiter spreekt een ander ‘dialect’ in het rijden en in de omgang met een paard. Daar komt bij dat paarden leren in context. Als die context veranderd – door een andere omgeving, andere ruiter of beide – kan het paard in verwarring raken. Hierdoor lijkt het alsof hij ineens een stukje minder presteert. Maar feitelijk valt een groot deel van de voor hem vertrouwde (omgevings)signalen weg, waardoor hij ineens moet raden wat te doen”, zegt Sandra.

“Veel mensen realiseren zich niet dat de verhuizing van een paard heel ingrijpend kan zijn. Ook dat kan een deel van de oorzaak van een terugval zijn. Een paard reageert in zijn vertrouwde omgeving altijd anders – meestal beter – dan in een vreemde omgeving. Dat een proefje thuis beter gaat dan op concours is simpelweg omdat de omgeving anders is, maar toch hetzelfde resultaat verwacht wordt. Zelfs de ruiter gedraagt zich meestal anders, al is het maar door de zenuwen”, vertelt Sandra. Sandra heeft een vijftal tips die je kunnen helpen om middels training een sterke band te vormen met je nieuwe paard.

1. Luister naar je paard

“Plak geen labeltje op je paard (en neem ook geen labeltjes over van de vorige eigenaar), maar kijk met interesse naar zijn gedrag. Als je jouw paard op voorhand al beschrijft als ‘lui’, ‘stout’ of ‘sensibel’, lukt het je nooit om dat beeld van hem los te laten”, vertelt Sandra. “Zo stopt je nieuwe springpaard echt niet ineens voor een hindernis om jou te pesten of uit te proberen, maar omdat hij je iets wil vertellen. Luister dus niet alleen naar je paard, maar laat hem ook weten dat je hem begrijpt en hem wilt helpen. Dit maakt dat je paard zich op zijn gemak voelt en daarmee de moed en het vertrouwen krijgt om samen met jou te doen wat je van hem verlangt.”

2. Maak kleine stapjes

“Je paard heeft geen enkel idee wat jouw toekomstplannen met hem zijn. Hij weet niet eens wat je vandaag met hem van plan bent! Leer je jouw paard iets nieuws of heb je een groter doel voor ogen, breek je training dan op in kleine stukjes. Hoe klein die stukjes zijn hangt geheel af van je paard”, zegt Sandra.

Dat laatste vergt geduld en doorzettingsvermogen. Hoe ga je om met het gevoel om dat je te weinig progressie maakt in je training? “Je moet altijd onthouden dat een paard trainen bijna hetzelfde is als leren schrijven. Eerst leer je de letters, dan de klanken, de korte woorden, lange woorden, je leert lezen en daarna schrijven. Wanneer je niet alle letters van het alfabet kent, zal je vroeg of laat in de problemen komen”, zegt Sandra. “Raak je toch een beetje teleurgesteld door je minimale vorderingen, kijk dan naar wat je wél goed hebt gedaan en wat je al wél bereikt hebt. Meestal is dat meer dan je denkt!”

3. Beloon je paard

“Beloon je paard voor iedere stap in de goede richting, ook als het nog niets lijkt op wat je ooit van hem wilt vragen. Dit noem je ‘positieve bekrachtiging’”, stelt Sandra. “Dwang – of ‘negatieve bekrachtiging’ – bevordert de band tussen paard en ruiter niet. In traditionele trainingen wordt dwang toch vaak gebruikt wanneer een paard iets ‘niet wilt’. Neem bijvoorbeeld het paard op de trailer leiden: als hij dat ‘niet wilt’ betekent dit vaak dat hij het juist niet kán. Zijn instinct vertelt hem simpelweg dat het niet veilig is”, aldus Sandra. “Heb je zelf wel eens geprobeerd iets te doen wat tegen je instinct in gaat? Hoe voel jij je als je in plaats van het krijgen van een positieve aanmoediging, gedwongen wordt?”, vraagt Sandra. “Met positieve bekrachtiging voorkom je dat je paard zich naar voelt richting jou en bevorder je jullie band.”

4. Houd je vorderingen bij

“De grootste kans op succes heb je wanneer je al voorafgaand aan je training goed nadenkt over de stappen die je wilt maken. Een goed trainingsplan voorkomt dat je onrealistische dingen vraagt van jezelf of je paard. Dat trainingsplan kun je vervolgens opknippen in een stappenplan. Dit plan omschrijft stapje voor stapje hoe je jouw doel wilt bereiken. Houd je vorderingen bij in een logboek: zo kun je altijd teruglezen waar je bent begonnen. En het voorkomt dat je jezelf vergelijkt met een ander. We zijn allemaal snel geneigd om onze slechtste prestatie te vergelijken met iemands beste. Dat is niet alleen oneerlijk tegenover je paard, maar ook niet fair naar jezelf toe.”

5. Speel met clickertraining

Misschien past clickertraining op het oog niet in je vertrouwde traditionele schooling, maar Sandra moedigt je toch aan om eens te spelen met clickeren. “Het is een hele leuke manier om vertrouwd te raken met je paard. En dat kun je prima zelf! Begin met iets simpels zoals ‘targeten’. Het targetten kun je vervolgens gebruiken om een andere gedraging aan te leren, bijvoorbeeld door je paard achterwaarts te leren lopen of het laten volgen van de target op een cirkel. Je ziet vaak dat als er een klein beetje clickertraining wordt toegevoegd aan de bestaande training er al hele leuke dingen gebeuren. Veel paarden vinden het spelletje ontzettend leuk en tonen oprechte nieuwsgierigheid naar hun baasje”, zegt Sandra.

Een mini-cursus ‘targeten’

Nieuwsgierig en wil je wel met targeten aan de slag? Sandra zet de stapjes voor je op een rij! “Bij targeten is het de bedoeling dat je paard een ‘target’ of doel leert aanraken met een bepaald lichaamsdeel, bijvoorbeeld de neus. De target kan bijvoorbeeld een tennisbal op een stok zijn. Zo’n stok is handig, omdat je daarmee de afstand tussen het paard en de trainer vergroot, wat de veiligheid ten goede komt”, legt Sandra uit. “Het gebruik van een clicker is heel eenvoudig: doet je paard iets goeds, dan klik je met de clicker. Pas ná de klik pak je de belonging en geef je het aan je paard.”

“Je stappenplan voor targeten kan er als volgt uit zien: kijken naar de target stick (1), benaderen de target stick (2), aanraken van de target (3), aanraken van de target op commando (4). Tikt je paard de target aan met zijn neus, dan volgt er een klik.Iedere klik is een voerbeloning waard. Je paard zal dit spelletje snel genoeg door hebben. Snapt hij het, dan voeg je een commando toe, bijvoorbeeld een woord als ‘touch’. Daarna verander je de regels een beetje: het paard krijgt alleen nog een klik wanneer het commando gegeven was. De volgende stap is het afbouwen van het aantal kliks, zodat het voor het paard een gewoonte wordt op een gedraging te vertonen enkel bij het geven van het commando”, vat Sandra samen.

“De stelregel is dat je een stap verder gaat na drie juiste gedragingen (dus drie keer klikken). Blijf je een stap te vaak herhalen, dan gaat de lol er voor je paard vanaf of snapt hij niet meer wat de bedoeling is. Je zult snel merken dat je paard zelf zijn leertempo aangeeft. Sommige paarden vinden alleen het bekijken van de target al spannend of loopt hij vast op een bepaalde stap. Ga dan terug naar het punt waarop het nog goed ging. Het kan ook zijn dat je paard stappen overslaat: dan weet je direct waar je in je stappenplan bent en hoe je verder moet gaan.”

Bron: Bitmagazine.nl, HippoLogic

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant