-

Hoe het hebben van een paard je voorbereidt op kinderen

Fleur Louwe

Het lijkt een heel verschil: een baby of een paard. Maar toch zijn er best wat overeenkomsten. Het verzorgen van een paard kan je goed voorbereiden op het ouderschap. Lees hier op welke manier 🙂

1. Je bent niet onbekend met ziekenhuizen

Bij paardrijden en de omgang met paarden kan een ongeluk in een klein hoekje zitten. Misschien ben jij al eens in het ziekenhuis geweest doordat je een gebroken voet opliep omdat paardlief op jouw voet leunde, of die keer dat je een trap kreeg tijdens het wandelen met je paard die boxrust had en daardoor erg fris was. Als je tijdens dat ziekenhuisbezoek op de borden gekeken hebt, weet je alvast waar je moet zijn voor de kraamafdeling. Misschien ken je zelfs wel een aantal dokters of verpleegkundigen al.

2. Paardenmensen kunnen tegen een stootje

Wij paardenmensen kunnen tegen een stootje. Ben je van je paard gevallen? Je staat lachend weer op en klimt weer op je paard. Heeft je paard op je tenen gestaan? Je moppert even, maar daarna ga je gewoon weer door. Je bent ongemakken gewend, dus een bevalling gaat jou ook lukken.

3. Je bent bekend met artsen

Als je een paard hebt, ben je (helaas) vast bekend met de dierenarts. Je hebt al heel wat naalden gezien. Als de arts jou dus regelmatig prikt om bijvoorbeeld trombose tegen te gaan of bloed af te nemen, doet dit je niks.

4. Je weet hoe je een luier aan moet doen

Al heb je tot nu toe alleen maar luiers gebruikt bij je paard toen hij een hoefzweer had of voor het afdekken van een wond. Met babyolie, billendoekjes en Sudocrem ben je ook al bekend, dat hoef je dus allemaal niet meer aan te schaffen.

5. Je bent poep gewend

De luier brengt ons bij de poep. Dagelijks scheppen we heel wat mest weg, dan is een klein beetje babypoep peanuts toch?

6. Je bent gewend om om 5.00 uur uit je bed te gaan

Regelmatig moet je op tijd uit bed om je paard te voeren.

7. Om 3.00 uur ’s ochtends opstaan is ook geen probleem

Een concours aan de andere kant van het land? Of staat je merrie op het punt om te veulenen? Geen probleem, daar sta je met alle liefde midden in de nacht voor op. Het maakt niet uit hoe laat het die avond ervoor geworden is, je staat er gewoon.

8. Slapeloze nachten ben je gewend

Heb je een paard dat een brokkenpiloot is? Dan heb je vast af en toe ook slapeloze nachten. Door je hoofd spookt wat hij nou weer uitgevreten heeft en hoe je hem zal aantreffen de volgende ochtend.

9. Je hebt sterke armen

Door het stalwerk heb je flinke spieren opgebouwd. Als je een zak voer van 20 kilo kunt dragen, dan is een baby een fluitje van een cent.

10. Inpakken doe je regelmatig

Als je op wedstrijd gaat, denken je echt aan alles. De auto zit helemaal volgepakt met verzorgingsproducten, paardensnoepjes en wortels, emmers om water in te doen en reserve spullen voor als bijvoorbeeld je beugelriem breekt. Jij bent altijd op elke situatie voorbereid en je paard ontbreekt het aan niets. De helft gebruik je niet, maar toch wil je het voor de zekerheid mee hebben. Je weet immers maar nooit. Een luiertas inpakken moet dan ook lukken toch?

11. Je kunt goed shoppen

Nu we het toch over spullen hebben. Weet je nog toen je je eigen paard kocht en je alle paardenwinkels afging op zoek naar de beste spullen voor je nieuwe aankoop? Voor baby’s gaat dit precies hetzelfde. Alleen in plaats van naar de paardenwinkel, ga je naar babywinkels. Al kun je misschien ook alvast een paardrijbroekje kopen in de paardenwinkel voor als de baby wat groter is, en wat dacht je van paardrijlaarsjes, en vergeet dat leuke borstelsetje speciaal voor kinderen niet.

Bron: Horse and Hound

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant