Blog: Met paarden de wereld rond, eerste stop: Australië

Ik zit nu in de ‘middle of nowhere’, op de boerderij van een vriendin in Tasmanië. Ik heb twee weken vakantie voordat het volgende avontuur weer begint. Het is behoorlijk koud maar de omgeving is prachtig, de boerderij ligt in het midden van een staats bos. Een goede plek om even tot rust te komen.

Ik heb net een jaar in Nieuw Zeeland als coach gewerkt en keer nu na vier jaar weer terug naar waar het allemaal begon, Australië. Dit keer om me voor zes maanden nog meer te verdiepen in de methodes van Andrew McLean. Want wat begon als een vrijgevochten backpackersavontuur is nu, zes jaar later, uitgegroeid to een droomcarrière: als paardrijd coach/paardengedragsdeskundige de wereld over. Met een passie voor leren heb ik in de afgelopen vier jaar niet alleen een MSc in Equine Science en lesbevoegdheid behaald, maar ook in vijf verschillende landen gewoond. Het begon allemaal in augustus 2011.

Met een papiertje van de universiteit op zak, een rugzak op m’n rug, geen flauw benul dat dit ‘jaartje backpacken’ iets langer zou gaan duren dan het geplande jaar en totaal niet geïnteresseerd in een carrière in de paarden, sta ik na zo’n 24 uur vliegen in m’n eerste hostel in Australië. Het is allemaal nog een beetje surreëel, iets waar ik jaren lang over gedroomd heb is nu werkelijkheid en hoewel ik doodmoe ben van de lange reis, giert de adrenaline door m’n lijf. Gelukkig word ik gastvrij ontvangen door het half Nederlands/half Spaanse meisje aan de balie. “Je ziet er niet uit alsof je net aangekomen bent, de meeste mensen die voor het eerst aankomen zien er toch wel iets zenuwachtiger uit dan jij”, zegt ze. Ik moet hier een beetje om lachen. “Ik maak me meestal niet zo druk”, zeg ik en de toon voor een goede tijd in dit kleine hostel in Perth is gezet.



Drie weken lang heb ik het enorm naar mijn zin, ik kom veel andere reizigers tegen en maak vrienden. En hoewel het een hele leuke plek is, en het makkelijk zou zijn om te blijven, wil ik toch doen waar ik voor gekomen ben… door Australië trekken! Ik koop een fel blauwe auto, niet zo’n grote backpackers bak, maar een beschaafde Mazda 3 met een hatchback. Groot genoeg om alleen of met z’n tweeën in rond te karren.

Ik rijd van de westkust door de woestijn (de Nullabor genaamd) naar de oostkust en kom aan in Melbourne. Later zullen mensen mij vertellen dat de Nullabor wel echt een afgelegen stuk van Australië is en dat het niet zo slim was om dat alleen te doen. Omdat ik geen flauw benul had, vond ik het prachtig. Een beetje eenzaam, zo lang in de auto, maar elke avond kampeerde ik en wel waren genoeg andere reizigers om verhalen mee te delen.

Nadat ik een paar weken in de buurt van Melbourne geWOOFFed had (WOOFF staat voor willing workers on organic farms en hierbij help je mee op een boerderij in ruil voor eten en een bed) besluit ik zomaar, zonder er echt over na gedacht te hebben (want iedereen vergeet dat dit eiland ook nog bij Australië hoort), om de boot naar Tasmanië te nemen, het eiland van de Tasmaanse duivels en ongerepte natuur. Het moment dat de boot aankomt en ik voet aan wal zet weet ik dat dit een bijzondere plek is. Iets in m’n lijf zei dat dit de goede keuze was. Misschien was het de super schone lucht die naar m’n hoofd steeg.

‘Welk paardenmeisje droomt er nou niet van om de Australische outback per paard te verkennen’

Na twee maanden onderweg te zijn, begon ik de paarden toch wel een beetje te missen. En zeg nou eerlijk, welk paardenmeisje droomt er nou niet van om de Australische outback per paard te verkennen. Ik email een mevrouw die een kleine manege runt in het zuiden van het eiland. Precies op het goede moment want ze stuurt mij een email terug die zegt “Dat komt mooi uit! Mijn vorige backpacker is net vertrokken en ik heb hulp nodig. Wanneer kan je komen?” Drie dagen later sta ik voor de deur…

Paardrijden op het prachtige Seven Mile beach, Tasmanie, 2011

Sharon is een typische blonde Australische. Ze heeft een tanige huid van te veel zon, leeft ongeveer een uur van de echte bewoonde wereld, doet waar ze zin in heeft, drink misschien iets te veel wijn en is super relaxed, maar is een gepassioneerde paarden dame die in het verleden vele staats kampioenschappen heeft gewonnen. Diezelfde middag zit ik nog op het paard en een paar dagen later rijd ik op het strand op Seven Mile beach, een prachtig strand in de buurt van Hobart wat dus ook echt 7 mile (zo’n 11 kilometer) lang is. Het strand heeft prachtig wit zand en de zee is helder blauw. Dat krijg je in Nederland toch niet.

De manege waar ik werk is anders dan de meeste Nederlandse maneges. Alle paarden staan dag en nacht in kleine kuddes buiten. Het is prachtig om te zien dat de paarden de hele dag lekker kunnen eten, bewegen en sociaal contact kunnen hebben. Iets wat in Nederland vaak niet kan omdat er niet genoeg ruimte is. Het voeren is echter een ander verhaal…

‘Alle paarden staan dag en nacht in kleine kuddes buiten’

Hoewel hooi voeren erg makkelijk is, want er wordt voor elk paard een ronde baal hooi per maand in het weiland gezet, voeren we in plaats van brok een eigen gemaakte mix van van chaff, gekookte gerst, haver, kopra, bierpulp en vitamines voor elk paard. Ieder paard heeft natuurlijk iets anders nodig en dat is in het begin wel een beetje lastig om te onthouden, dus het voeren van de zogenoemde ‘hard feed; voor twintig paarden duurt al gauw een vijfenveertig minuten. Maar omdat Australië nou eenmaal een relaxt land is, maakt het helemaal niet uit dat het zo lang duurt. Alles word op z’n gemakje gedaan. “Oh, je bent vijftien minuten te laat voor je les? Maakt niet uit, beginnen we toch gewoon wat later!” Dat relaxte is af en toe best aangenaam in vergelijking met het snelle leven in Nederland.

Het paardenavontuur in het buitenland is begonnen. Volgende keer meer!

Volgende keer: Paarden zadeldak maken Ozzie style – een introductie in de equitation science methodes van dr. Andrew McLean. Hoe ik uit Tasmanië vertrok, weer terug kwam en een nieuwe carrière keuze maakte.

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant