Blog: Manegegedoe

Vroeger was ik een paardenmeisje. Tenminste, dat vond ik zelf. Ik dacht namelijk aan niets anders. De hele week schreef ik de namen van mijn favorieten in schriften en op blaadjes. Ik las me suf in kleine pocketboekjes over Jackie en haar pony Misty. En daarnaast was ik tot over mijn oren verliefd op mijn rijkleding. Een beige rijbroek, een gele paardentrui en zwarte rubber hoge rijlaarzen.

Die gele paardentrui was mij nogal dierbaar. Mijn moeder had deze namelijk zelf gebreid, inclusief manegegedoebruin paardenhoofd mét echte manen van sliertjes wol. Maar juist dit kledingstuk gaf nogal gedoe op de manege. Ik was namelijk niet de enige met een brei-technische briljante moeder. Een groepje van vijf meiden had waarschijnlijk ook zo’n familielid en zij liepen dan ook trots rond in exact dezelfde paardentrui. En deze meiden hadden zich verenigd. Ze schreven als meidengroep stukjes in het clubblad en konden ook nog eens allemaal heel goed rijden. Zij waren de Coole meiden en ik was de pineut.

Want waarom had ik ook zo’n trui? Ik hoorde toch helemaal niet bij hun clubje? En voordat ik goed en wel besefte wat er aan de hand was, werd er een verbale strijd geboren. Die trui kon ik maar beter thuislaten. En ik moest al helemaal niet denken dat ik bij het clubje welkom was. Gelukkig was ik niet zo vatbaar voor dit geharrewar. Ik borstelde en poetste me evengoed een ongeluk. Bovendien was ik nog net zo verliefd op mijn doordringend ruikende paardentrui. Dus uit ging die niet. Gewassen werd ie trouwens ook nauwelijks. Dat vond mijn moeder zonde van haar gebreide succesnummer.



Pas vele jaren, tijdens mijn studie pedagogiek, leerde ik meer over die heftige manegemeisjes cultuur. Meidenvenijn tussen de paarden. Over de negatieve effecten die groepsvorming, status en roddels kunnen hebben op meisjes. En als er ergens veel meisjes zijn, dan is het wel op een manege. Er is zelfs een Fins wetenschappelijk onderzoek beschikbaar over de sociale hiërarchie tussen meisjes op maneges en stallen. Vaak onzichtbaar voor volwassenen, maar nadrukkelijk aanwezig bij de kwetsbaren. Onzichtbare regels, kattige opmerkingen en een ingewikkelde rangorde van populariteit. Een vijandige en onveilige sfeer voor kinderen kan het gevolg zijn.

manegegedoeWaarschijnlijk was ik vroeger verblind door liefde voor de pony’s. Want zoiets onbenulligs als mijn trui was zomaar genoeg geweest om onderaan de meiden rangorde te bungelen. En waarschijnlijk hing ik daar ook. Want rijden kon ik ook al niet zo best. Maar kennelijk was ik niet vatbaar genoeg om meegesleept te worden in dit manegegedoe. Weinig onder de indruk trok ik elke week mijn trui weer aan. Was het mijn eigen kracht of het fanatisme van mijn moeder? Ze had tenslotte niet voor Jan Doedel weken zitten breien. Die boodschap had ik wel meegekregen.

Ruim dertig jaar later, kreeg mijn moeder dezelfde breibehoefte tijdens het groter groeien van mijn dochter. En ja hoor, vlak voor aanvang van haar eerste paardrijles, was ie klaar. Een zwarte. Inmiddels is ze bijna dertien en weerbaar genoeg om zonder trui door het manegeleven te gaan. Hoogste tijd trouwens. Want ze is nogal gegroeid. En lekker ruikt ie ook niet meer. Want wassen, daar doen we niet aan.

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant