Blog: “Hey, ouwe man…”

De laatste tijd hoor ik het mijn vrouwtje steeds vaker zeggen als welkomstwoord: “Hey, ouwe man… hoe gaat het met m’n maatje?” Uhmm, het gaat hartstikke goed met me, maar vroeger werd er “Hey, jonge god” tegen me gezegd. Dus met welke blik kijk je na zo’n vraag terug?

Met dik 26 jaren op de teller mag ik volgens mij helemaal niet klagen. Ik ga graag naar buiten, ga net zo graag weer naar binnen, heb altijd goede trek en vind alle bedrijvigheid op stal gezellig. Ik geniet dromerig van een fijne borstelbeurt en ga kwiek mee op een ommetje. Dus hoezo “ouwe man”?

Ok, ik ben inmiddels wat stram in de benen, kom tegenwoordig in een drafje naar het hek in plaats van een flinke galop met een bokkesprong… ik sta wat vaker te dutten, moet wat meer afwateren en heb wat meer moeite met scherp stellen als er verderop mogelijk gevaar kan dreigen. Maar met mijn levenservaring weet je ook dat het grote gevaar niet zo enorm is als je al die jaren ervoor vermoedde. Die maffe hardloper bijvoorbeeld, standaard in een felrood of fluorescerend jasje maakt eenmaal dichtbij wel een gek hijgend geluid, maar gaat met een grote boog om je dikke billen heen, dus waarom zou je je er nog over opwinden. Denk ik nu…

Op mijn leeftijd krijg je wat meer relativeringsvermogen. Er MOET niet meer zoveel. Alles is best, maar is er niet zoveel, dan is er ook niet meteen wat te drammen. Je staat rustig, kaant je hooi weg, doet nog eens een plas en wacht gewoon op wat komen gaat. Kon ik vroeger geen dag voorbij laten gaan om mijn drinkbak vol te poepen, mijn buurman te irriteren en ervoor te zorgen dat ik zonder pardon de beste camouflagelook van de hele stal had, vandaag de dag hoeft dat niet meer zo nodig. Ben ik dan echt een oude man?

In de ondergaande zon heb ik de stand toch maar eens proberen op te maken: mijn rug zakt inderdaad wat verder door, mijn buik is misschien iets voller, en mijn gouden vachtje krijgt steeds meer witte haren. Mijn ooit zo diamantvormige kol is nu een vreemde vormloze vlek. Mijn ogen tranen snel en ik krijg nu al een pak met haren alsof we volgende week in de winter zitten. Oké, misschien moet ik als eeuwige jonge god gaan erkennen dat ik nu toch echt een senior paard ben.

Misschien moet ik het een beetje gaan overdrijven. Oude paarden mogen toch meer en vaker slobber?! En moeten zeer zeker extra vertroeteld worden. Vaker kleine ommetjes maken. Had ik die slobber al gemeld? Ja, dat ga ik doen. Zorgen dat ik extra vaak slaperig ben, niet meteen met mijn hoofd door de deur schiet als er beweging bij het raam is, rustig achter mijn maat aan sukkel en uhm, even denken…

Oh, daar is mijn vrouwtje. Of de “ouwe man” zin heeft in een kort ritje? Yesss, natuurlijk, kom op dan. Niet zo treuzelen, ik heb d’r zin in, laten we snel gaan. Deze jonge god heeft nog tijd genoeg om de ouwe man uit te hangen. Laterrrr!

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant