Blog: Een bruin goedje met een hemels aroma

Hemels… dat is het! Een onooglijk goedje met een goddelijk aroma… ik wist niet dat ik er 25 jaar oud voor moest worden, om erachter te komen dat er iets is op deze wereld dat lekkerder is dan muesli. Maar ik heb het ontdekt: slobberrrr. Om je bak bij op te vreten zo heerlijk!

Ik ben dol op eten, dat kan ik niet ontkennen. Biks, muesli, wortels, appels, mandarijnen, maïs… Maar ook gevallen hooisprietjes in de gang, een graspolletje tussen de stenen op het erf: ik pik het graag even mee. Ik probeer het altijd over te laten komen alsof ik van netheid hou en daarom mijn stal niet kan verlaten voor ik alle sprietjes voor mijn boxdeur opgepeuzeld heb. Maar feitelijk heb ik gewoon altijd lekkere trek.

Na 25 jaar ben ik er nu achter gekomen dat er iets bestaat dat nog lekkerder is dan muesli. Slobber is echt een ver-ruk-ke-lij-ke ontdekking. Ik ben daar bij toeval achter gekomen, omdat mijn maat een poosje aspirientjes moest eten en die blijken nogal bitter. Speciaal voor hem kwam er dus een nieuwe zak bij – naast de voertonnen – en ik stond vol belangstelling te kijken wat dat moest worden. Uit de zak kwam een schep met bruin spul en ik stond mijn maat al bijna uit te lachen dat onze heerlijke muesli aan zijn neus voorbij zou gaan. Maar toen volgden er een pollepel en een plons water. Uit zijn voerbak steeg een hemels aroma op…



Man oh man: ik probeerde zowat mijn box uit te klimmen om mijn neus zo dicht mogelijk bij die voerbak te krijgen. Die stond er maar en stond er maar. En nadat er uiteindelijk nog wat doorheen was geroerd, ging die bak letterlijk aan mijn neus voorbij. Dag in, dag uit. Natuurlijk, ik kreeg gewoon mijn muesli, maar mijn vriend stond zo blij in zijn bak te slobberen, dat ik mijn ogen dan maar op die pollepel gefocust hield, want die kwam tenminste nog door het gangpad en ja, ja, jaaaa…. Als ik op mijn liefst keek – en dat kan ik vrij goed hoor – mocht ik de lepel aflikken. Mjammie!

Ons lieve paardenmeisje begon een goed woordje voor me te doen bij het vrouwtje. “Karlo vindt het zo lekker, zullen we hem niet ook slobber geven?” Ik kon d’r wel zoenen! Maar ja, daarna hoorde ik nog “hij heeft toch nog een goed gebit” en “hij doet het goed op wat hij nu krijgt”. Ik trachtte dus meteen mijn ribben te laten zien, mijn rug wat verder door te laten zakken en een plukje hooi te laten liggen – maar dat lukte niet, het was ineens op?

Ondanks mijn pogingen er oud en aftakelend uit te zien, die matig succesvol leken aangezien ik mezelf eigenlijk nog een jonge god voel, kwam er toch een tweede zwarte voerbak bij onder de handdoek. Het is vrij frustrerend hoe lang dat spul moet inweken zeg… volgens Ace stel ik me aan, maar ik kan zowat niet stil blijven staan als ons maaltje wordt bereid. Met het water in de mond en trappelende voetjes wacht ik ongeduldig tot mijn bak aan de deur wordt gehangen. Aanvalluh!

Ik lever mijn bak dan ook keurig schoon op. Die van Ace moet worden gewassen, omdat hij de hoeken niet netjes schoon likt, maar de mijne is gewoon weer gereed voor hergebruik. Hemels spul is het! Dus lief paardenmeisje: bedankt dat je mijn vrouwtje hebt weten te overtuigen dat deze jonge god op zijn oude dag ook best een beetje slobber heeft verdiend 🙂

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant