-

Verspreiding van besmettelijke paardenziektes voorkomen

LTO Nederland werkt aan een meldingssysteem voor besmettelijke paardenziektes. Waarom is dit systeem hard nodig? En wat kan een stal doen om verspreiding van een ziekte te voorkomen?

Eind september maakte LTO Nederland bekend dat er achter de schermen hard wordt gewerkt aan het platform paardengriep.nl. Dit is een vrijwillig meldingssysteem dat paardenhouders en -eigenaren informeert over besmettelijke paardenziektes in Nederland. Op deze website kun je via een kaart van Nederland zien waar momenteel influenza, rhino of droes heerst. Deze kaart wordt opgezet op basis van meldingen van griepachtige symptomen bij paarden in Nederland.

Waarom is zo’n meldingssysteem voor besmettelijke paardenziektes van belang?

In Nederland komen verschillende besmettelijke paardenziektes voor. Met name equine influenza, droes en rhinopneumonie zijn zeer besmettelijk. Het vaccineren tegen deze ziektes is in Nederland niet verplicht. Als belangrijkste preventie- en bestrijdingsmaatregel stellen organisaties, waaronder de Sectorraad Paarden, dat in geval van uitbraak zo snel mogelijk een melding moet worden gemaakt. De betreffende stalhouder dient maatregelen te nemen om verdere besmetting te voorkomen. En als andere paardeneigenaren weten waar een virus heerst, kunnen zij maatregelen nemen om te zorgen dat hun paarden niet besmet raken.



Strak hygiëneprotocol

Om verspreiding van een dergelijk virus te voorkomen, moet de betreffende stal in eerste instantie een strak hygiëneprotocol opzetten. Het KWPN weet daar alles van. In het najaar van 2018 werd op het stamboekcentrum in Ermelo het EHV1-virus (rhino) vastgesteld bij één van de aanwezige hengsten uit het najaarsverrichtingsonderzoek. Het KWPN laat weten hoe ze hiermee zijn omgegaan: “Deze variant van rhinopneumonie kan zich uiten in de vorm van verkoudheidsverschijnselen, (bij merries) abortus en/of neurologische verschijnselen. Deze constatering kwam nadat – na waarneming van een afwijkende stap bij een van de hengsten – er op basis van met spoed afgenomen neusswabs onderzoek was gedaan op de aanwezigheid van het virus. De betreffende eigenaren zijn direct geïnformeerd en alle maatregelen zijn genomen om verdere besmetting te voorkomen. Dit in intensief overleg met prof. dr. Marianne Sloet, specialiste Inwendige Ziekten van het Paard bij de Faculteit Utrecht. Het paard waarbij EHV1 was vastgesteld is geïsoleerd, de stallen van enkele hengsten met koorts zijn dagelijks ontsmet en van alle hengsten werd meerdere keren per dag de temperatuur opgenomen. Het stalpersoneel had geen toegang tot het KWPN-kantoor, medewerkers van het kantoor hadden geen toegang tot het stallencomplex. Alle stalmedewerkers en de ruiters werkten volgens een strak hygiëneprotocol, waarbij onder meer gebruik werd gemaakt van desinfecterende matten en kleding werd gewisseld. De mestafvoer van het KWPN vond plaats op het eigen terrein. Naast al deze maatregelen hebben we ook het centrum gesloten voor de hengsteneigenaren en overige bezoekers en is er uitgebreid gecommuniceerd over de situatie. Want openheid en communicatie is in het geval van rhinopneumonie essentieel. Hoewel een uitbraak niets is om je voor te schamen – het kan de besten overkomen – blijkt in de praktijk vaak dat uitbraken stil worden gehouden. Dat is jammer, want openheid voorkomt verdere verspreiding doordat mensen op de hoogte zijn van risico’s.”

Enten verplicht voor paarden op KWPN-centrum

Na de constatering van het virus – gelukkig liep het voor alle paarden goed af – is het KWPN nog strenger geworden op de vaccinaties van de paarden die op het centrum verblijven. “Wij hebben het advies van de Faculteit Utrecht en de Gezondheidsdienst overgenomen om over te gaan tot verplichting. Inmiddels geldt deze verplichting voor alle paarden die op het KWPN-centrum verblijven voor training, aanlegtesten en sales-activiteiten. Een rhinopneunomie vaccinatie bestaat uit een basisenting en een herhalingsenting. De paarden worden enkel op het centrum toegelaten wanneer de laatste enting minder dan twee weken voor aanlevering heeft plaatsgevonden. De werkzaamheid van vaccinatie tegen abortus is niet volledig beschermend en er is geen enkel vaccin dat claimt bescherming te geven tegen de neurologische vorm van rhinopneumonie. Echter, wanneer alle paarden gevaccineerd zijn, vermindert dit de infectiedruk op het bedrijf en daarmee wordt de kans op besmetting verkleind.”

Zelf kun je ook een hoop doen om te voorkomen dat jouw paard ziek wordt door rhino. Wat je kunt doen, lees je op onze speciale rhino-pagina.

Meer lezen van Bit? Neem dan nu een abonnement of koop een losse editie van het magazine in de webshop!

Foutje gespot? Meld het ons!
Dit vind je misschien ook interessant